Heeft u een persbericht? Stuur het dan naar pers...@volle-evangelie.nl
Online Bijbel Plus Pakket

Gebruikerswaardering: 4 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter inactief
 

Oorzaken waarom mensen niet genezen


(2 van 6 tapes)

Andrew Wommack

Inhoud:

1) Inleiding
2) Uitgangspunt
3) Drie groepen van oorzaken voor uitblijven van genezing:
    a) Gebrek aan kennis van Gods Woord
    b) Twijfel
    c) Rebellie
4) Geloof gevolgd door aktie
5) Verkeerd zaaien in het vlees
6) Principes

Op tapes van Andrew Wommack, Colorado Springs, Colorado, USA is er een overzicht gegeven van redenen en oorzaken van het uitblijven van genezing, en het weer teruglopen van een eenmaal ontvangen genezing.

Ik heb dit vertaald, enigszins geredigeerd en toegankelijk gemaakt, maar bijna integraal weergegeven. Opdat de lezer die met dit fenomeen moeite heeft, of het wellicht niet helemaal begrijpt, hoop kan putten uit de uitleg van deze gezalfde man van God. En niet - wat zo vaak gebeurt - de armen in wanhoop omhoog steekt en verzucht: "God is niet te volgen, soms werkt het wel, soms werkt het niet." Of nog erger: "God wil me waarschijnlijk een lesje leren."

De bijbel zegt dat "ons door zijn striemen genezing is geworden", dat "God dezelfde is gisteren, vandaag en tot in alle eeuwigheid" en dat "er geen onderscheid des persoons is". Dus wat Jezus deed toen Hij hier op aarde rondliep, is nog steeds voor ons weggelegd.

Dat er dan toch nog genezing uitblijft voor bepaalde mensen, of eenmaal ontvangen weer tenietgedaan wordt, ligt niet aan God. Dus moeten wij de reden of oorzaak bij onszelf zoeken.

T.B. Joshua
Ik heb dit zelf ook altijd een moeilijk fenomeen gevonden. Niet omdat ik mijn twijfels over de genezing had die God wil en kan geven, van welke ziektes dan ook. Maar wel omdat ik het niet altijd kon uitleggen aan mensen. Het bezoek aan 'The Synagogue' van Prophet T.B. Joshua heeft mij de ogen geopend en duidelijk gemaakt aan de hand van talloze genezingen voor mijn ogen, dat niets voor God onmogelijk is. Het bracht me opnieuw in herinnering dat ik een tijd geleden het onderwijs van Andrew Wommack had gehoord over genezingen en het soms uitblijven of teruglopen daarvan. Ik heb die tapes opnieuw beluisterd. 
Andrew Wommack heeft naar mijn overtuiging helder en uitputtend e.e.a. duidelijk gemaakt. 

Op bijbelse gronden
Voor mij is de cirkel rond.
Dit wil ik u niet onthouden. 
Herman S.J. Pot. 20/10/01
NB: Het getuigenis rond mijn bezoek aan 'The Synagogue' over de achtergronden van de wonderen die daar gebeuren en wat we er van kunnen leren, heb ik op papier gezet en aan velen ge-emailed of anderszins uitgereikt. Mocht u nog geen exemplaar hebben en er nog één willen, laat mij het s.v.p. weten, dan zorg ik daar alsnog voor.

1) Inleiding

In andere tapes van Andrew Wommack worden de principes van goddelijke genezing uitgebreid uiteengezet. Ook wordt aandacht besteed aan zaken als 'de doorn in het vlees' van Paulus, wat voor sommige mensen aanleiding is geweest om te veronderstellen dat het niet altijd Gods wil is dat mensen genezen. 

Het is wél Gods wil, zie 3 Joh. 2: "Geliefde, ik bid, dat het u in alles wél ga en gij gezond zijt, gelijk het uw ziel wél gaat." Dat moet een fundament zijn van onze gebeden, wij móeten weten dat het Gods wil is dat we genezen!

Toch zij er vele situaties waarin mensen geloven dat het Gods wil is om te genezen, terwijl ze de genezing niet ontvangen. Daar zijn een aantal redenen voor en die worden in het onderstaande behandeld. 


2) Uitgangspunt

Efziërs 3: 20: "Hem nu, die blijkens de kracht, welke in ons werkt, bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij bidden of beseffen." 

Dit vers zegt dat het niet alleen God is die ons geneest. Als het nl. alleen maar aan God zou liggen of we genezing ontvangen of niet, dan zou iedereen genezen. Het is immers niet Gods wil dat iemand ziek is. Dat is echter niet het beste wat God met ons voor heeft.
God werkt door ons heen en dat gebeurt volgens "de kracht die in ons werkt".

Dus als wij niet genezen is dat niet omdat God zegt dat Hij ons niet wíl genezen. De bijbel zegt in 1 Petrus 2: 24: " ….en door zijn striemen zijt gij genezen." Dat is voltooid verleden tijd, God heeft al in de genezing van iedereen voorzien. Net zo als Hij behoud voor iedereen die dat wil al heeft voorzien.

Wij moeten daarop slechts handelen, wij moeten daarmee overeenstemmen en de genezing komt dan tot ons door "de kracht die in ons werkt." Die kracht is het Woord van God, of liever: ons geloof dat komt door dat Woord van God. 
Vaak heeft Jezus tegen de mensen gezegd: "U geschiedde naar uw geloof." Jezus voerde genezingen bij mensen uit in overeenstemming met hun geloof. Geloof is er heel nadrukkelijk bij betrokken. 

Dus, God is in elk geval niét de reden waarom mensen niet genezen. Het is Gods wil dat we genezen. Gebreken en onvolkomenheden in ons zijn de vijanden die tegen ons vechten en we weten niet hoe die te overwinnen. 

3) Drie groepen van redenen voor uitblijven van genezing
Er is eigenlijk te veel om op te noemen. Het moet nadrukkelijk gezegd worden, dat alles wat er in het leven van een christen gebeurt, al het andere wat uit het woord van God geleerd kan worden, heeft effect op de vraag of we genezing ontvangen. Bijvoorbeeld onze vrede, onze vreugde, ons geduld met andere mensen, het in liefde omgaan met andere mensen, etc. Alles heeft er mee te maken, alles heeft verband met elkaar. Hoe meer we met God wandelen in elk deel van ons leven, hoe meer we genezing gemanifesteerd zullen zien in ons leven. Het betekent dat nooit alles wat met genezing te maken zou kunnen hebben, in welke tape-serie dan ook tegelijk te behandelen is. 

Maar een aantal hoofdgroepen zijn te onderscheiden. 
a) Gebrek aan kennis van Gods woord. 
b) Twijfel
c) Rebellie 

3a) Gebrek aan kennis van Gods Woord

Vaak zijn deze hoofdgroepen met elkaar verweven en zijn soms niet strikt van elkaar te scheiden. Zo is twijfel niet altijd een kwestie van bewust niet geloven dat God geneest, maar bijv. een zaak van onvoldoende kennis van Gods woord. 

2 Petrus 1: 2,3: "genade en vrede worde u vermenigvuldigd door de kennis van God en van Jezus onze Heer. (3) Zijn goddelijke kracht immers heeft ons met alles, wat tot leven en godsvrucht strekt, begiftigd door de kennis van Hem, die ons geroepen heeft door zijn heerlijkheid en macht."

Alles wat '"tot leven en godsvrucht strekt" komt door de kennis van God. Die kennis komt tot ons door het Woord van God. In vers 4 staat voorts dat wij door dat woord met "kostbare en zeer grote beloften zijn begiftigd". 
Dus is ook genezing absoluut een onderdeel van ons leven hier op aarde en een voorbeeld van "godsvrucht". Het is iets wat God voor ons bestemd heeft. 
En in de bovenstaande tekst staat dat dat direct gerelateerd is aan onze kennis van Gods woord. 

Ook Hosea 4: 6 zegt hierover: "Mijn volk gaat te gronde door het gebrek aan kennis." 
Genezing komt niet als we de verkeerde dingen denken; wij moeten ons denkpatroon veranderen. De meesten van ons hebben twijfels en ongeloof t.a.v. genezing, de meeste mensen hebben ziektes en kwalen geaccepteerd als iets normaals. 

Gebrek aan kennis is een groot obstakel bij het ontvangen van genezing. Het kan zijn dat mensen wel eens genezen zijn, bijv. omdat ze in grote nood waren, er ergens een genezingsdienst was en men "voor die gelegenheid" het geloof ontwikkeld had om genezing te ontvangen. Dat wil echter niet zeggen dat men de volledige kennis van Gods woord heeft om altijd in optimale gezondheid te (blijven) wandelen. 

Gebrek aan kennis is dus een belangrijke oorzaak van het niet ontvangen van genezing. Heel veel mensen die weliswaar geloven in genezing, ook dat het Gods wil is om ook hén te genezen, ontvangen het niet. Zij weten niet hóe God het doet, welke rol zij daar zélf bij moeten spelen. Dus "gaat men te gronde" (Hos.4:16). 

In vroeger tijden zijn er vele opwekkingen geweest, vele krachtige genezingsbedieningen waarbij mensen op de meest wonderbaarlijke manieren genezen werden, niet slechts genezingen van ziektes, maar bijvoorbeeld ook dat ontbrekende ledematen aangroeiden, doden werden opgewekt etc. Men zag het, geloofde het, ontving het en geloofde dat het Gods wil was om te genezen. Maar diezelfde mensen die in die situaties door bijzonder gezalfde dienaren genezen werden, konden daarna weer ziek worden om nooit meer te genezen. Tót de volgende gelegenheid zich voordeed en de man of vrouw Gods met een gezalfde genezingsbediening langskwam en men opnieuw genezing ontving. 

Het is niet Gods wil dat het op die manier gebeurt. Genezen worden, weer ziek worden en opnieuw genezen worden etc. De reden: men stortte zich nooit in het woord van God en kreeg dus niet zélf die kennis van het Woord. Men heeft even geprofiteerd van die bovennatuurlijke gave die even aan de kerk werd gegeven, maar men heeft niet de kennis vergaard om te weten hoe ze Gods Woord in deze, zelf in hun eigen leven moeten toepassen. 

Zo is het ook met het behoud van mensen. Hoe kunnen mensen behouden worden, als ze niet eerst Gods Woord daarover gehoord en dus geloofd hebben?! (Rom. 10: 17). Ons geloof is dus direct gerelateerd aan onze kennis. Hebben we verkeerde kennis en/of onvoldoende kennis, dan zal ons geloof dat weerspiegelen. De vader van Andrew Wommack, werd in 1952 uit de dood opgewekt. Dat moest men wel geloven want het gebeurde 'gewoon'. Er was een groep baptisten langsgekomen, die met de man gebeden hadden en het wonder gebeurde. Maar men verbond daaraan de gedachte dat God zo nu en dan iemand genas of uit de dood opwekte, maar dat je er geen peil op kon trekken en dat het puur 'toeval' of 'geluk' was dat zoiets gebeurde. Men wist niet hoe het geloof daarin ontwikkeld kon worden. 

Men had dus niet noodzakelijkerwijs het verkeerde onderwijs over goddelijke genezing ontvangen; er was gewoon gebrek aan onderwijs op dat terrein.

Maar verkeerd onderwijs, verkeerde kennis is er óók. En dat is eigenlijk nog veel erger. Een 'blanco' iemand, die tot nu toe niets wist over gebedsgenezing, is gemakkelijker te overtuigen dan iemand die jarenlang het verkeerde onderwijs daarover heeft gehad.
Zoals de ideeën dat God niet altijd en niet iedereen geneest, dat God de mensen met ziekte iets wil leren, dat God ziekte als straf gebruikt, dat God vindt dat sommigen genezing niet verdienen etc. Dat is allemaal verkeerde kennis. 
Ons geloof is direct gerelateerd aan de kennis die wij hebben. Dus hebben we verkeerde kennis, dan zullen we ook verkeerd geloof hebben, negatief geloof, oftewel twijfel.

De kennis die wij in ons hebben moet dus Gods kennis zijn. Het moet een weerspiegeling zijn van de manier waarop God over genezing denkt. Willen we in genezing wandelen, dan moeten we Gods gedachten over genezing ons eigen maken. Het kan niet genoeg benadrukt worden. 

De wereld voedt ons continu met informatie die aangeeft dat ziekte normaal is. Zoals men bijv. zegt dat het seizoen van de griep er aan komt en men elkaar vraagt of men de griepprik al gehad heeft. Dat is een voorbeeld van verkeerde kennis. Dat is niet Gods visie op de zaak; Hij zegt immers in Zijn Woord: "…door zijn striemen zijn wij genezen." Dat slaat niet slechts op griep gedurende een bepaalde tijd van het jaar, maar op kanker, op welke ziekte dan ook. 

Wij moeten ons richten op Gods kennis en ons dus distantiëren van de gedachten van de wereld, die ons verkeerde kennis geven. Familieleden, kennissen, collega's die allerlei dingen zeggen die niet kloppen met Gods visie op genezing. Men zegt dan bijv.: "Reumatiek komt met ouderdom, dat gebeurt gewoon." Of men zegt zelfs: "Wacht maar tot je zo oud bent als ik, dan krijg je ook last van dit soort kwalen." 
Dat is niet wat Gods Woord zegt. Deut. 33: 25: "uw sterkte moge zijn als uw levensduur."
Dat betekent dat als u 100 jaar wordt, God u de kracht zal geven om optimaal te functioneren in dit leven. Mozes was 120 jaar oud en zijn gezichtsvermogen was prima en zijn kracht was niet verminderd.
En wat Mozes had is helemaal geen 'heerlijkheid' is nog niks in vergelijking met wat wij hebben gekregen overeenkomstig 2 Cor. 3. Als Mozes' zijn gezichtsvermogen prima was en zijn kracht niet verminderd toen hij 120 jaar oud was, hoeven wij voor onszelf niet met minder genoegen te nemen! Als we ons met dát soort gedachten bezig houden, is het niet moeilijk om daarin ook geloof te ontwikkelen. 
Maar als wij satan toelaten de verkeerde gedachten in ons te doen postvatten, zullen wij nooit, nooit de genezing of de schragende kracht van God op onze oude dag ervaren. "Want als iemand zijn eigen plannen maakt, zo is hij", Spreuken 23: 7. Statenvertaling: "Want gelijk hij bedacht heeft in zijn ziel, alzo zal hij tot u zeggen.". In de NKJ: "For as he thinks in his heart, so is he." 

Dit kan niet genoeg benadrukt worden. Er zijn veel mensen die zich bepaalde leringen over genezing hebben eigen gemaakt, en dan in de genezing proberen te gaan staan, maar daarbij niet hun eigen gedachten disciplineren en dus nog steeds dezelfde gedachten van twijfel en ongeloof koesteren. Bijv. de uitspraken als: "Ouderdom komt met gebreken." 
Als we aan dat soort gedachten waarde blijven hechten, zal het onmogelijk zijn om het geloof in genezing in werking te zetten. 
Gebrek aan kennis, of verkeerde kennis is dus een groot obstakel voor het ontvangen van genezing. Veel mensen geloven dat God kan genezen maar luisteren tegelijkertijd naar allerlei onzin als: "Ja, God kan wel genezen, maar wil ons soms een lesje leren." Enz.

1 Cor. 15: 33: "Misleidt uzelf niet; slechte omgang bederft goede zeden."

Dus als u beweert dat u naar twijfel en ongeloof kunt luisteren, of de verkeerde uitspraken steeds kunt aanhoren, zonder dat het invloed op uw geloof heeft, bent u misleid!

De moeder van een vriend van Andrew Wommack lag in het ziekenhuis en werd op gebed wonderbaarlijk genezen. Later werd ze weer ziek, haar zoon hoorde er van, maar vóórdat hij ter plekke was, was ze al overleden. De zoon zat daar echt mee, kon het niet rijmen. Hij bleef vaak 's nachts op, trachtte maanden achtereen een antwoord van God hierover te krijgen. Hij twijfelde er niet aan dat het Gods wil was dat ze zou genezen, hij gaf God niet de schuld, maar hij begreep niet hoe satan in staat was geweest de genezing van haar weg te roven. Uiteindelijk sprak God door iemand anders; het kwam er op neer dat de kerk waar deze vrouw toe behoorde, met name hun verkeerde leer over genezingen, de oorzaak was van het wegvallen van de genezing. 
De vrouw had geloofd dat God haar kon genezen en dat ook daadwerkelijk deed. Maar het voortdurend aanhoren van bijvoorbeeld de overtuiging in haar kerk dat goddelijke genezing met de apostelen 'verdwenen' was, of dat God niet iedereen geneest etc., deed haar de das om. Ze bleef daar naar luisteren, en was dus misleid in haar denken dat ze de genezing kon vasthouden, terwijl ze continu de verkeerde leer aanhoorde. Dat kán eenvoudig niet. Wat je weet, wat je aan kennis opdoet en vergaart, zal invloed hebben op je geloofsleven. 
Matth. 6: 22: "De lamp van het lichaam is het oog. Indien dan uw oog zuiver is, zal geheel uw lichaam verlicht zijn." M.a.w. als je steeds met je gedachten voor 100 % gericht blijft op Gods Woord, dan zal je hele lichaam verlicht zijn, d.w.z. er zal geen 'duisternis' in je lichaam zijn. Vers 23: "Maar als uw oog slecht is, zal geheel uw lichaam duister zijn.." Dus als uw oog niet 100 % op Gods Woord gefocust is, zult u niets van God ontvangen. 
Zie ook Jacobus 1: 5,6,7: "Indien echter iemand van u wijsheid te kort schiet, dan bidde hij God daarom, die aan allen geeft, eenvoudigweg en zonder verwijt; en zij zal hem gegeven worden." (6) Maar hij moet bidden in geloof, in geen enkel opzicht twijfelende, want wie twijfelt gelijkt op een golf der zee, die door de wind aangedreven en opgejaagd wordt. (7) Want zulk een mens moet niet menen, dat hij iets van de Here zal ontvangen." 

Als we om wijsheid hebben gebeden, moeten we geloven dat we het ontvangen. En niet de volgende dag de minste of geringste tegenstand ons standpunt verlaten. We moeten onszelf disciplineren. Conform Romeinen 8: 6: "Want de gezindheid van het vlees is de dood, maar de gezindheid van de Geest is leven en vrede," zullen we 'leven en vrede' hebben, als we 'geestelijk gezind' zijn. Dus een gedachtepatroon dat overeenstemt met het Woord van God. Joh. 6: 63: "De Geest is het, die levend maakt, het vlees doet geen nut; de woorden, die Ik tot u gesproken heb, zijn geest en leven." 
Of de twee teksten gecombineerd: een gedachtenpatroon overeenkomstig Gods Woord geeft 'leven en vrede'.
Gefocust blijven op het Woord, geeft leven en vrede, geeft gezondheid. 
Slechts bezig blijven met enkele op zich staande gevallen van genezing, toe te geven dat ze waar zijn, er zo nu en dan over praten, maar de rest van de tijd met de verkeerde leringen omgaan, is niet goed genoeg. Dan zal genezing niet blijvend zijn. We moeten ons toewijden aan genezing, mediteren op wat het Woord erover zegt, dan zullen we resultaten hebben overeenkomstig het Woord! De juiste kennis is van vitaal belang. Het gebrek er aan is één van de hoofdoorzaken waarom mensen niet genezen, dan wel niet genezen blijven. 
Andersom: als mensen voortdurend ziek zijn, niet in optimale gezondheid verkeren, dan zijn hun gedachten wat dat betreft niet juist op God gericht. Zulke mensen moeten daarop mediteren en God vragen te openbaren, waar satan erin geslaagd is de aandacht af te leiden van Gods Woord. 
Nogmaals: geestelijk gezind zijn, dus gericht blijven op Gods Woord, geeft leven en vrede. 


3b) twijfel

Twijfel is verkeerd gericht geloof. Wat gevoed kan zijn door verkeerde kennis, of door rebellie. 
Adam en Eva zijn geschapen als geloofsmensen. 
Ook een atheïst heeft geloof, maar het is geloof tegen het bestaan van God.

Zie Marcus 11: 23: "Voorwaar Ik zeg u, wie tot deze berg zou zeggen, hef u op en werp u in de zee, en in zijn hart niet zou twijfelen, maar geloven, dat hetgeen hij zegt geschiedt, het zal hem geschieden." Je moet dus een punt bereiken, waarop je niet twijfelt. Twijfel zal er voor zorgen dat je de dingen van God niet ontvangt. 

Romeinen 14: 23: "Maar wie twijfelt, wanneer hij eet, is veroordeeld, omdat hij het niet uit geloof doet. En al wat niet uit geloof is, is zonde."

Twijfel en geloof zijn elkaars tegenpolen. 
Geloof en ontvang, twijfel en krijg niks.
("Believe and receive, doubt en go without")

Zie Matt. 17: 14-21.

Jezus was net van de berg afgekomen, waar God de Vader aan Hem verschenen was en Zijn kleren straalden licht uit. Hij had drie van zijn discipelen bij Zich en terwijl ze afdaalden, kwam er een man op hen af, die klaagde over het uitblijven van de genezing van zijn zoon. 

Jezus bestrafte de discipelen: "O, ongelovig en verkeerd geslacht, hoelang moet Ik nog bij u zijn? Hoelang zal Ik u nog verdragen?" (Matt. 17: 17) Hij wilde dat zíj het hadden opgelost, God heeft ons toegerust om deze dingen te doen! Laat satan je nooit denken: "Ja, maar dat was Jezus. Jezus genas mensen, maar ik ben niet Jezus." Nee, maar Jezus woont binnen in ons, en Jezus gaf ons dezelfde autoriteit, hetzelfde gezag, Zijn Naam. Hij heeft gezegd dat wij dezelfde dingen zouden doen en nog grotere. (Joh. 14: 12). Want Hij zit nu aan de rechterhand van de Vader en bidt voor ons. 

Daarna (in vers 19), nadat Jezus de jongen had genezen, vroegen de discipelen waarom zij dat niet hadden kunnen doen.
Zie Matt. 10, waar Jezus de discipelen de opdracht had gegeven er op uit te trekken, de zieken te genezen, de doden op te wekken, de melaatsen te reinigen en de boze geesten uit te drijven. In vers 1 had Jezus de discipelen alle macht gegeven om alle onreine geesten uit te drijven en alle ziektes en kwalen te genezen. Dat hadden ze daarna dan ook gedaan. Zie bijv. in Lucas 10: 17: "…Here, ook de boze geesten onderwerpen zich aan ons in uw naam." 
Maar in het onderhavige geval van de maanzieke jongen, lukte het dus niet. Ze vroegen zich af waarom ze het niet hadden kunnen doen, dus kennelijk lukte het normaal gesproken wél. Als de uitdrijvingen maar bijv. in 20 % van de gevallen lukten, hadden ze Jezus waarschijnlijk niet lastig gevallen met die vraag, maar kennelijk was het een uitzondering dat het deze keer niet lukte. 
Dit lijkt op wat veel mensen overkomt; men zegt bijv.: "Ik ben eerder wel genezen. Maar waarom nu niet?!" Ook de discipelen vroegen zich af: "We hebben dezelfde dingen eerder gedaan, maar waarom hebben we nu niet dezelfde resultaten?"
Het antwoord van Jezus in Matt. 17: 20: "Vanwege uw kleingeloof." Hun kleingeloof hield de manifestatie van Gods kracht tegen om deze demonische macht te overwinnen. Hij zei niet: "Door uw gebrek aan geloof." 

Dit is heel belangrijk. Er was geloof aanwezig, maar hun 'kleingeloof' stond in de weg. Geloof en 'kleingeloof' tegelijkertijd aktief. Veel mensen hebben dit niet door. Ze denken dat als er 'kleingeloof' in het spel is, er geen geloof is. Dat is niet het geval. Zie bijv. Marcus 5, waar het dochtertje van Jaïrus ziek is. Hij vroeg Jezus om zijn dochter te genezen. Terwijl Jezus naar het huis van Jaïrus onderweg is, komen mensen naar Jaïrus en zeggen: "Uw dochter is gestorven, waarom valt u de Meester nog lastig?" (vers 35) 
Maar Jezus luisterde er niet naar en zei tegen Jaïrus: "Wees niet bevreesd, geloof alleen." 
Er was hier sprake van vrees, een vorm van twijfel en Jezus zei: "Geloof alleen." Het woord 'alleen' geeft aan dat er weliswaar geloof was, maar tegelijkertijd ook twijfel en ongeloof.

Vergelijk dat met een groot, zwaar object, dat aan een zware tractor wordt verbonden. Die tractor zou dat zware geval zonder probleem vlot kunnen trekken. Maar als je aan de andere kant óók een tractor zou vastmaken en die zou exact dezelfde kracht in tegenovergestelde richting uitoefenen, dan zou dat object gewoon op z'n plaats blijven.
Dat gebeurt dus soms: we zetten ons geloof in werking, we kennen de waarheid, zoals: "Door zijn striemen zijn wij genezen." We verwachten genezing, het gebeurt niet en dan zijn we teleurgesteld omdat we niet de juiste resultaten zien. De reden is dan dezelfde die Jezus gaf aan de discipelen: door hun 'kleingeloof'. Hij bestrafte hen niet voor het niet hebben van geloof, dat hadden ze immers al getoond in alle eerdere wonderen, die ze in Zijn Naam hadden verricht. Ze pasten datzelfde geloof toe op de maanzieke jongen, met echter het verschil dat ze deze keer naast geloof, ook twijfel en ongeloof hadden. Zie Matt. 17: 20, waarin Jezus uitlegt dat het geloof als een mosterzaadje genoeg is om een berg te verplaatsen. Jezus gebruikt dit beeld om aan te geven dat je niet zoveel geloof nodig hebt, dat het dus niet méér geloof vereist om deze demon uit te werpen, dan al die andere keren.

Dus aan het geloof lag het niet. Er was echter 'kleingeloof' in het spel. 
(Engels: 'faith' tegenover 'unbelief')

Romeinen 12: 3: "Want krachtens de genade, die mij geschonken is, zeg ik een ieder onder u: koestert geen gedachten, hoger dan u voegen, maar gedachten tot bedachtzaamheid, naar de mate van het geloof, dat God elkeen in het bijzonder heeft toebedeeld." 

Dit wordt bevestigd door Paulus en Petrus in Galaten 2: 20 en 2 Petrus 1: 1.
Wij hebben al het geloof dat we nodig hebben. Wij groeien in het gebruik van dat geloof. Als we ons denken vernieuwen en Gods Woord, Gods kennis in ons gedachteleven toelaten, komt het geloof door het horen van dat woord. (Rom. 10: 17)
Het geloof komt uit onze geest en in onze ziel zullen we beter toegang hebben tot dat geloof en het beter kunnen toepassen. Ons geloof is direct gerelateerd aan onze kennis. Ook al hebben we die door God gegeven mate van geloof in ons hart, als onze ziel nog vol zit met de verkeerde kennis, zal dat geloof nooit gemanifesteerd worden in ons leven. Naarmate we onze gedachten meer vernieuwen met het Woord van God, naarmate de kennis van God meer functioneel wordt in ons leven, des te meer geloof manifest zal worden in ons leven. 

Ja, we moeten dus onze kennis vergroten, ja we moeten groeien in dat geloof. 
Maar vaak schenkt men geen aandacht aan het fenomeen van twijfel en ongeloof. Men bouwt het geloof op, maar laat de gebieden in het leven waar nog twijfel en ongeloof heerst, onberoerd. 
Jezus zei in essentie tegen de discipelen: "Jullie hebben op zich voldoende geloof, maar er is nog twijfel en ongeloof dat jullie in de weg zit." Ze geloofden het woord van Jezus dat door Gods kracht duivels uitgedreven konden worden, zieken konden genezen etc. En ze hadden dat vaak zien gebeuren. 
Ze hadden dus geloof. Maar hun twijfel kwam van hun zintuigen. Wij hebben geleerd hoe we naar onze zintuigen moeten handelen. Het is echter nooit Gods bedoeling geweest dat we door onze gedachten en emoties gedomineerd zouden worden. Het was niet de bedoeling dat we zó fysiek georiënteerd zouden zijn. Het was Gods plan dat we door onze geest gedomineerd zouden worden. 
Bij onze geboorte waren we gescheiden van God. Maar enkelen hebben God op een zeer jonge leeftijd leren kennen. Velen hebben dus door 'religie' de verkeerde dingen geleerd en niet bijv. hoe te wandelen in geloof. Het is dus niet verwonderlijk dat voor de meeste van ons hetgeen we zien, meer realiteitswaarde heeft dan wat we niet zien. Wat we bijv. zien met onze ogen, beschouwen we als een feit. En wat Gods Woord zegt, vindt men dan theorie of fictie. Dat is dus verkeerde kennis, die we ons eigen hebben gemaakt. 

De discipelen waren te gevoelig voor hetgeen ze met hun zintuigen waarnamen. Ze zagen die epileptische jongen, waarschijnlijk rollend over de vloer, schuimbekkend, schreeuwend etc. Hun ogen werden door satan gebruikt om hen te intimideren en te zeggen: "Dit keer zal het niet lukken. Kijk maar!". En hun oren zeiden hen: "Nee, het klinkt niet alsof hij bevrijd wordt!" 
Ze waren dus meer onder de indruk van wat ze zagen en hoorden, dan van wat ze geloofden. Daar kwam hun twijfel en ongeloof vandaan. Daarom zei Jezus in vers 21: "Maar dit geslacht vaart niet uit dan door bidden en vasten." Het probleem van de discipelen was dat ze slechts tegen natuurlijke dingen streden, het was gewoon moeilijk om bij dit soort manifestaties in het bovennatuurlijke bezig te zijn. Het lichaam, de ziel is getraind op 'natuurlijke' wijze te reageren. Het gelooft de dingen die het ziet en hoort etc. meer dan de bovennatuurlijke zaken. De enige manier waarop dit soort zintuiglijke reacties op fysieke manifestaties onder controle gebracht kan worden, is door gebed en vasten. Dat is dé manier om het 'vlees' te disciplineren. Het lichaam wil eten, maar wij zeggen vanuit de geest: "Nee, lichaam je kunt me wat. Ik ga me concentreren op Gods Woord en je legt je daar bij neer." Op die manier is de geest de baas, en niet het lichaam.
Daarom was vasten en gebed zo belangrijk om van die twijfel en dat ongeloof af te komen. 
Geloof hadden de discipelen wel, maar door wat ze zagen en hoorden, waren ze gaan twijfelen. Zie Jacobus 1: 6,7: bij twijfel moeten we niet verwachten dat we iets van de Here zullen ontvangen!

Veel mensen hebben geloof voor genezing, maar ze verdiepen dat geloof niet opdat het in hen meer kracht krijgt dan hun vleselijke kennis. Ze nemen de tijd niet om geworteld te worden in het Woord, zodat ze niet meer geraakt worden door al die negatieve kennis van 'goedbedoelende' kennissen en familieleden. Aan de ene kant moeten we dus geloof opbouwen, aan de andere kant moeten we de twijfel en het ongeloof vernietigen! We moeten onszelf afscheiden van de toegangen die satan gebruikt om twijfel en ongeloof in ons leven te injecteren. 
Twijfel en ongeloof komen op dezelfde manier tot ons als geloof, nl. door het horen. Men twijfelt niet aan iets, tenzij daar aanleiding toe is. Satan zal de verkeerde kennis op ons pad brengen en als we daar over gaan nadenken, zullen we er uiteindelijk geloof aan hechten en verkeerd gaan geloven en gaan twijfelen. 
Zie Hebreeën 11: 15: "En als zij gedachtig geweest waren aan het vaderland, dat zij verlaten hadden, zouden zij gelegenheid hebben gehad terug te keren." Dat was de gelegenheid om terug te keren naar het land waar Abraham door God vandaan was geroepen. Dus een gelegenheid om te twijfelen aan hetgeen God gedaan had en gezegd had te zullen doen, en het op te geven en terug te keren naar het land waar ze vandaan kwamen. Er is een direct verband tussen enerzijds de gelegenheid om God niet te geloven en anderzijds waar ze aan dachten. Je kunt het vers omdraaien en stellen: omdat ze niet gedacht hadden aan het land dat ze achtergelaten hadden, hadden ze niet de gelegenheid om terug te keren. 
Ze kwamen dus niet eens in de verleiding om tegen de dingen van God in te gaan. Hun hele wezen was zo totaal gericht op de belofte die God gegeven had, dat ze helemaal geen gedachten koesterden die twijfel zouden kunnen voortbrengen. Ze hadden dus geen probleem met twijfel. 

Zie 2 Cor. 10: 4,5: "…want de wapenen van onze veldtocht zijn niet vleselijk, maar krachtig voor God tot het slechten van bolwerken. (5) zodat wij de redeneringen en elke schans die opgeworpen wordt tegen de kennis van God, slechten, elk bedenksel als krijgsgevangene brengen onder de gehoorzaamheid aan Christus." 

We zijn niet volmaakt, we worden nog steeds blootgesteld aan veel dingen, we leven in een werelds systeem, waardoor twijfel en ongeloof tot ons komen. Maar we moeten weten hoe we die gedachten kunnen overwinnen. En 90 % daarvan kúnnen we overwinnen door er eenvoudig weg niet over te denken, door de bronnen waar twijfel en ongeloof vandaan komen af te sluiten! 
Mijd kerken en mensen waar verkeerde gedachten geuit worden, zoals: "God geneest vandaag de dag niet meer." Gedachten die je geloof aantasten. Die krachten moeten aangepakt worden.

Twijfel en ongeloof bij de ander
Tot nu toe is er vooral gesproken over het feit dat wij, wijzelf, de juiste kennis vergaren; dat wijzelf het juiste geloof ontwikkelen, dat wijzelf niet twijfelen. 
Maar als wij iemand met genezing dienen, gaat het niet alleen om óns geloof, maar ook om de twijfel en het ongeloof van andere mensen die het ontvangen van genezing kunnen tegenhouden. De belangrijkste illustratie hiervan is Jezus Zélf: Matt. 13: 57,58 waar verteld wordt van Jezus in Nazareth. Jezus wilde daar mensen genezen, maar Hij kón het niet door hun ongeloof. Zie ook Marcus 6: 1-6; Jezus verwonderde Zich over hun ongeloof! Men kan dus het ongeloof van andere mensen niet negeren.
Men kan dus ook niet zomaar de ziekenhuizen legen. Het zou fantastisch zijn. Maar men moet beseffen dat niet iedereen in dat ziekenhuis geloof zal hebben voor genezing. De zieken hebben daarin een vrije keus. God zal niemand tegen zijn of haar wil genezen. Men moet met God voor genezing overeenstemmen. Wij moeten samenwerken met God, zoals in de eerder genoemde tekst van Efeze 3: 20: "Hem, die blijkens de kracht die in ons werkt, bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij bidden of beseffen." 
God werkt altijd door ons heen en ons geloof is er nadrukkelijk bij betrokken. Genezing van onszelf hebben we dus in zekere zin in eigen hand. In zekere zin, want ook hier zal de twijfel en het ongeloof van mensen om je heen je geloof kunnen aantasten en zelfs genezing kunnen tegenhouden. Groei in ons eigen geloof zal ons in staat stellen die twijfel en dat ongeloof van andere mensen te overwinnen. 

Maar het bedienen van genezing aan andere mensen is anders. Dan is het niet altijd mogelijk de twijfel en het ongeloof bij hen weg te nemen. En het verging zelfs Jezus niet anders, zie Marcus 6: 5! Jezus, die perfect functioneerde, die absoluut zonder zonde was, die in geen enkel opzicht faalde, kon zelfs niet de twijfel en het ongeloof van de mensen die Hij diende, overwinnen! 
Andere voorbeelden: zie Marcus 8. Jezus nam een blinde mee het dorp uit en bad voor hem. De reden waarom Hij dat deed: de twijfel en het ongeloof in die plaats. [na de genezing zegt Jezus dan ook tegen de man: "Ga zelfs het dorp niet in!" (Marcus 8: 26)]

Zie ook Lucas 10: 13,14: "Wee u, Chorazin, wee u, Betsaïda, want indien in Tyrus en Sidon die krachten waren geschied, welke in u geschied zijn, reeds lang zouden zij, in zak en as gezeten, zich bekeerd hebben. (14) Doch het zal voor Tyrus en Sidon draaglijker zijn in het oordeel dan voor u."

Betsaïda was dus één van de meest verdorven plaatsen, vol van twijfel en ongeloof. Het was dus geen toeval dat Jezus die blinde man uit het dorp moest leiden om genezen te worden! Om hen uit die sfeer van ongeloof en twijfel weg te halen. En zelfs toen moest Jezus tot twee keer toe Zijn handen op de man leggen om de genezing volkomen te maken! 

Velen hebben absoluut geen begrip van dit fenomeen. Ze redeneren: "Als het Gods wil is om te genezen, is het een fluitje van een cent om genezing te ontvangen." Zo simpel is het dus niet. Er zijn krachten die tegen onze genezing werken. Immers zelfs Jezus, de Zoon van God, kon die krachten niet negeren! Twijfel en ongeloof moeten overwonnen worden!

En het hoeven geen enorme 'hoeveelheden' twijfel en ongeloof te zijn. Net zo als een mosterdzaadje geloof bergen kan verzetten, zo kan een beetje twijfel en ongeloof het weer ongedaan maken. Immers, twijfel / ongeloof is gewoon 'negatief geloof', 'geloof in de verkeerde richting'. 

Je hoeft dus niet persé volledig in beslag genomen te worden door twijfel en ongeloof. Je gelooft wellicht de juiste dingen, maar je moet jezelf reinigen totdat je op het punt komt waar je alleen maar gelooft.
Zie Marcus 5, waar Jezus het dochtertje van Jaïrus genas. Maar toen Jezus er aankwam zeiden de mensen tegen Jaïrus (vers 37): "Waarom valt gij de Meester nog lastig?!" en zij lachten Jezus nota bene uit (vers 40)
Maar Jezus stuurde al die mensen weg en ging alleen met drie discipelen en de vader en moeder van het kind naar binnen en wekte het meisje op uit de dood. 

Waarom stuurde Jezus die mensen weg? Het zou toch een prachtige getuigenis en demonstratie geweest zijn als Jezus het meisje temidden van de spotters had opgewekt? Maar Jezus stuurde ze weg wegens hun twijfel en ongeloof. Jezus was Zich bewust van de krachten die tegen kunnen werken, zoals ook in Nazareth later blijkt. Ook Hij moest daar rekening mee houden. Het had niets met Jezus Zelf te maken, maar louter met de mensen om Hem heen.
Je kunt dus niet ongeloof en twijfel in andere mensen negeren. 

Ongeloof en twijfel in je zelf zul je zeker moeten aanpakken, maar als andere mensen diezelfde negatieve krachten in je proberen te leggen, kun je er tegen in gaan en ze overwinnen, maar negeren kun je ze niet. 

In het omgaan met zieke mensen, wordt met dit fenomeen veelal onvoldoende rekening gehouden. Men redeneert vaak in de trant van: "God zegt, dat als ik mensen de handen opleg, ze zullen genezen." Daarna hoort men getuigenissen als: "De kracht en de zalving van God stroomde werkelijk door mij heen. Ik heb echt met geloof gebeden, ik weet dat ze genezen zijn." En dan blijkt de zieke te overlijden of ziek te blijven. 
Het veroorzaakt dan veel verwarring en mensen vragen zich af: "Waarom, waarom??" 

We moeten beseffen dat wij wellicht geloof hadden, maar was er twijfel en ongeloof bij de zieke en anderen, dat ons eigen geloof kon 'neutraliseren'? 
Als God ons een bovennatuurlijke gave geeft, bijv. een woord van kennis in de trant van: "Bid voor de mensen en je zult zien dat ze allemaal zullen genezen", dan kunnen we vrijmoedig zijn en tegenover de mensen met stelligheid zeggen: "U zult genezen."
Want God zou het niet openbaren als de omstandigheden er niet naar waren en met eventueel twijfel en ongeloof al was afgerekend, dan wel dat wat er nog aan twijfel en ongeloof zou zitten door ons eigen geloof overwonnen kon worden. 

We kunnen wel zeker weten dat het Gods wil is dat mensen genezen, maar tenzij God een openbaring geeft, kunnen we niet zeker weten wat de reactie van de mensen zal zijn. In een dergelijke situatie moeten we de mensen het Woord brengen en door hun reacties kunnen we dan onderscheiden of er twijfel en ongeloof is, of er familieleden zijn die twijfel en ongeloof uiten. Als dat het geval is, moeten we dat aanpakken, niet om moeilijkheden te maken, maar simpel omdat die negatieve krachten de manifestatie van Gods kracht kunnen tegenhouden. (zie Jezus in Nazareth, waar hij nauwelijks iets kon doen, door het daar heersende ongeloof: Marcus 6: 5 en Matt. 13: 58).
Dit verklaart ook waarom we niet zomaar een ziekenhuis kunnen 'legen'. 
Wij zullen eerst met ongeloof moeten afrekenen. Het kan gewoon onbekendheid met het evangelie zijn, maar hoe het ook zij, het effect is negatief geloof. God heeft ons mensen een vrije wil gegeven en God gaf Jezus net zo min het recht om de vrije keus van mensen te overrulen. Ook wij kunnen en moeten dat ook niet doen.

3c) Rebellie

Rebellie kan komen van verkeerde kennis. Het kan bijvoorbeeld komen doordat je denkt dat God niet van je houdt als je niet genezen wordt. Of als je niet genoeg geloof hebt voor genezing. Dat is echter niet waar. Maar het kan mensen tot rebellie aanzetten.

Zie 1 Samuël 15. Hier wordt beschreven dat Saul werd verworpen als koning van Israël. God had hem verworpen omdat hij dingen had gedaan die God hem heel nadrukkelijk had verboden. Bijvoorbeeld het in leven laten van die dieren om een offer voor God mee te maken. Zie vers 22: "…Heeft de Heer evenzeer welgevallen aan brandoffers en slachtoffers, als aan het horen naar des Heren stem? Zie, gehoorzamen is beter dan slachtoffers, luisteren beter dan het vette der rammen. (23) Voorwaar, weerspannigheid is zonde der toverij en ongezeggelijkheid is afgoderij en dienen van terafim. Omdat gij het woord des Heren hebt verworpen, heeft Hij u verworpen, zodat gij geen koning meer zult zijn." 

Rebelleren tegen de dingen van God, wat ook de reden moge zijn - bijv. omdat men verbitterd is over het uitblijven van genezing in het verleden ondanks gebed - zal het ontvangen van genezing tegenhouden. 

Jacobus 4: 7: "Onderwerpt u aan God, maar biedt weerstand aan de duivel, en hij zal van u vlieden." 

Onbekendheid hiermee is een veel voorkomende reden waarom mensen niet genezen. God heeft aan óns de opdracht gegeven de duivel te weerstaan. En dan zal hij van óns vlieden. 
Marcus 16: 17: "Als tekenen zullen deze dingen de gelovigen volgen: in Mijn Naam zullen zij boze geesten uitdrijven…". Wij doen het dus. Jezus heeft satan al overwonnen, Jezus is niet meer direct in een strijd met satan gewikkeld. Jezus heeft satan volkomen verslagen, er is geen strijd meer tussen Jezus en satan! 
Satan strijdt niet tegen Jezus, maar tegen de volgelingen van Jezus. Jezus gaf ons Zijn gezag, Zijn autoriteit, Zijn wapens, maar wij zijn degenen, die het gezag moeten uitoefenen! 
Wij moeten de duivel weerstaan en het Woord zegt dat hij dan van ons zal vlieden! 
Veel mensen hebben door onbekendheid hiermee of onbegrip hierover, passief in hun geloof gehandeld. Men bidt dan in de trant van: "God, genees mij alstublieft" en wachten dan tot God iets doet. Maar God heeft reeds de verzoening voor onze genezing gerealiseerd, Hij heeft de kracht al vrijgegeven om te genezen. Zie 1 Petrus 2: 24: "….en door zijn striemen zijt gij genezen."

God heeft Zijn deel van de transactie al vervuld en heeft die kracht en autoriteit aan ons gegeven. Wij kunnen de genezing eenvoudigweg bevelen! Het is geen kwestie van bidden en dan wachten tot God in aktie komt. 

Begrijp goed en laat er geen misverstand over bestaan: wij bewerkstelligen geen genezing door onze eigen kracht of door onze eigen heiligheid o.i.d. Absoluut niet! 
Maar de Naam van Jezus en geloof in Zijn Naam zorgt ervoor dat de genezing gemanifesteerd wordt. Wij zijn degenen die het aktiveren. God zit niet daarboven om de Naam van Jezus te gebruiken en te proberen er geloof in te leggen! Hij heeft de strijd allang gewonnen, het is al volbracht. Het is een werk wat in het verleden al afgemaakt is, wat God aangaat. Wij zijn degenen die geloof in de Naam van Jezus hebben en er voor zorgen dat genezing gemanifesteerd wordt. Het is aan ons, het ligt onder ons gezag. 
Wij hoeven echt niet te bidden in de trant van: "God als het uw wil is etc." Wij weten al dat genezing Gods wil is en we kunnen dus de duivel weerstaan en eisen dat de genezing gemanifesteerd wordt. En God zal dan door ons heen vloeien. 

Op veel plaatsen in de bijbel is dit te zien, maar een goed voorbeeld is in Handelingen 3. Het is het verhaal van Petrus en Johannes, die bij de poort van de tempel de verlamde vonden. Desgevraagd keek de man hen aan, terwijl hij iets verwachtte. Toen zei Petrus: "Zilver en goud bezit ik niet, maar wat ik heb geef ik u; in de naam van Jezus, de Nazoreeër: Wandel!"

De man werd volkomen genezen. Petrus en Johannes hadden niet eens gebeden, bijv.: "Heer, wilt u deze man genezen?" Nee, helemaal niet. Niet erg religieus, ze zouden hiervoor uit de eerste de beste kerk gegooid kunnen worden. En ze zouden zeker problemen gekregen hebben door te zeggen: "….maar wat ik heb, geef ik u.." Mensen zouden gezegd hebben: "Hé, wacht eens even, jij bent niet de genezer!" Petrus en Johannes wisten heel goed dat God de Genezer, de Heelmeester is. Dat blijkt later in het 3e hoofdstuk van Handelingen als ze de genezing later uitleggen aan de mensen. Zij wisten dat Jezus de Genezer was, maar dat die kracht, dat gezag, aan hen gedelegeerd was. Zij hadden dus hun gezag uitgeoefend! Zij hadden het met Jezus gedeelde erfrecht uitgeoefend. Als zij die kracht niet hadden vrijgezet, als zij de duivel niet hadden weerstaan, als zij niet de stap gezet hadden en het hadden doen gebeuren, was er niets gebeurd. 

Gods wens is dat iedereen genezen wordt, maar het gebeurt niet omdat er geen mensen zijn die bereid zijn die kracht en dat gezag te gebruiken. 
In Handelingen 10: 38: "….Hij is rondgegaan, weldoende en genezende allen, die door de duivel overweldigd waren."
De duivel overweldigt mensen met ziektes, we hebben een vijand die ons belast met ziekte. Het is niet zo dat wat God wil, ook automatisch gebeurt. God wil dat het ons goed gaat, dat we genezen worden, maar dat gebeurt niet tenzij eerst met de duivel wordt afgerekend! En wie heeft de autoriteit om met de duivel af te rekenen? Wij! 
Niet Jezus hoeft te strijden tegen satan, en ook satan vecht niet tegen Jezus. De strijd vindt in ons plaats. Wij hebben het gezag om de duivel te weerstaan. Dus is onbekendheid hiermee en het daardoor niet weerstaan van de duivel, een groot obstakel voor het ontvangen van genezing. 'Gewoon' God bidden en vragen om genezing en dan verwachten dat God er iets aan gaat doen. God gaat er wel 'iets aan doen', maar door ons heen.
In Hand. 3: 11 wordt vermeld dat de mensen op Petrus en Johannes afkwamen en dachten dat de grote kracht, de heiligheid van deze mannen de genezing had mogelijk gemaakt. Vers 12: "…Mannen van Israël, wat verwondert gij hierover, of wat staart gij ons aan, alsof wij uit eigen kracht of godsvrucht deze hadden kunnen doen lopen?" 

Vers 16: "En op het geloof in Zijn Naam (van Jezus) heeft Zijn Naam deze, die gij ziet en kent, sterk gemaakt; en het geloof door Hem heeft hem dit volkomen herstel gegeven in uw aller tegenwoordigheid." 

Zij legden dus uit dat ze heel goed wisten dat het God was die de genezing bracht, Zijn kracht en gezag had de genezing bewerkstelligd, maar die kracht en dat gezag was aan Petrus en Johannes gegeven, gedelegeerd. Zij gebruikten die kracht, dat gezag. "Wat ik heb dat geef ik u." Zij weerstonden de ziekte, en zo weerstonden zij de duivel. Als zij dat niet hadden gedaan, had God niets gedaan. 

Iemand merkte hier eens over op: "Als het Gods wil is, zal genezing plaatsvinden, of jij er nou voor bidt of niet." Dat is gewoon niet waar. God heeft de duivel al overwonnen en Hij wil dat iedereen gered wordt. Maar toch gebeurt dat niet, want de mensen zelf spelen er een rol in. Zij zijn degenen die voor redding kiezen, zij kiezen voor het leven of de dood. Conform Deut. 30: 19: "Ik neem heden de hemel en de aarde tegen u tot getuigen: het leven en de dood stel ik u voor, de zegen en de vloek; kies dan het leven, opdat gij leeft, gij en uw nageslacht."

God heeft een enorme kracht en gezag aan ons gedelegeerd. Hij vloeit door ons heen, niet zonder ons. Omdat mensen dit niet hebben begrepen, zijn ze passief gebleven, in plaats van aktief. Ze hebben slechts een beetje geloof vrijgezet en zijn dan op God gaan wachten. 
Nee, wij moeten ons geloof vrijzetten, in het geloof gaan staan, en als we dan de omstandigheden niet zien reageren op het Woord van God, dan moeten wij zorgen dat dat wél gebeurt! Wij hebben gezag over demonen om ze uit te werpen, om de duivel te weerstaan.

4) Geloof gevolgd door aktie

Samen met het bovenstaande is zgn. 'corrersponding action' ook heel belangrijk. Dat is één van de krachtigste manieren om de duivel te weerstaan. 
In Jacobus 2: 17: "Zo is het ook met het geloof: indien het niet met werken gepaard gaat, is het, op zichzelf genomen, dood." Geloof zonder er naar te handelen, is dood. 
Geloof is dus niet volkomen, totdat we er naar gehandeld hebben. 

Er lijkt een tegenstelling te zijn tussen enerzijds de stelling dat geloof zonder werken dood is, en anderzijds - zoals in Romeinen staat - dat het we door geloof gerechtvaardigd zijn zonder werken der wet. (Rom. 3: 28). Wij zijn dus gered door geloof, en uitdrukkelijk niet door onze goede werken of onze inspanningen. 

De 'werken' waarover in Jacobus 2: 17 wordt gesproken zijn geen 'goede werken', zijn niet onze inspanningen. Het betreft de 'corresponding action', de 'overeenkomstige handelingen'. Handelingen, waaruit blijkt dat het geloof er écht is. Zo zijn er mensen die weliswaar zeggen te geloven dat Jezus de Zoon van God is, maar totdat men naar dat geloof handelt en belijdt wat Jezus ons opdroeg in Romeinen 10: 9, kan men niet behouden worden: met de mond belijden en met het hart geloven.

De kennis alléén zal ons niet behouden. We zullen er naar moeten handelen.
Zie Jacobus 2: 19, 20: "Gij gelooft, dat God één is? Daaraan doet gij wél, maar dat geloven de boze geesten ook en zij sidderen. (20) Wilt gij weten, gij dwaze mens, dat het geloof zonder de werken niets uitwerkt?" 
De demonen weten dat er een God is, maar hun acties werken tegen die wetenschap. Zij rebelleren. Ze hebben kennis, ze hebben geloof dat er een God is. Maar die kennis, dat geloof is niet vóór God, maar juist tégen Hem. 

In godsdienstige kringen zijn er heel veel mensen die weten wat Gods Woord zegt, maar ze handelen er niet naar! Dat is dus geen geloof. 

Iemand die echt gelooft met zijn of haar hart, zal er naar handelen!
Als iemand u nu vertelt dat het gebouw waar u nu bent in brand staat, en dat u zult omkomen als u niet vlucht. Dan is het onmogelijk voor u om rustig tegen uw buurman te zeggen: "Weet u, ik geloof echt dat er een brand is en als we niks doen, dat we zullen omkomen". En u blijft er gewoon met de man naast u over praten en zegt steeds maar weer: "Ja, ik geloof dat we zullen omkomen als we niet uit dit gebouw gaan. Ik vraag me af waarom ik hier niet wegga." Enz.
Maar als u het wérkelijk gelooft, dan zult u er naar handelen. 
Er kunnen verschillende acties zijn. Een ieder reageert anders op zo'n situatie: sommigen gaan schreeuwen, sommigen vallen flauw, sommigen vluchten weg, sommigen beginnen te blussen, anderen bellen de brandweer etc. Maar hoe het ook zij, iemand die écht gelooft dat er brand is, zal op de één of andere manier reageren en er naar handelen. Er móet een handeling volgen. 
Geloof zonder werken is dood. Die 'werken' kunnen variëren afhankelijk van waar u zich bevindt in de relatie tot God. Maar hoe het ook zij, de overeenkomstige handelingen, de 'corresponding actions' zijn de krachtigste manier om de duivel te weerstaan. 

Terug naar genezing: als u er van overtuigd bent, dat u genezen bent, is het essentieel dat u zich 'genezen' gedraagt. Dat u zich dus niet ziek gedraagt. 
Veel mensen kennen het Woord van God t.a.v. genezing, geloven dat het Gods wil dat ze genezen, ze hebben overeenkomstig die kennis gebeden, ze belijden met hun mond: "Ik geloof dat ik genezen ben." Maar: ze gedragen zich alsof ze nog ziek zijn! 
En ze begrijpen niet hoe belangrijk hun acties zijn. 
Als men geloof heeft in genezing, maar er niet naar handelt, wordt het geloof juist tenietgedaan! Men voorkomt dat het geloof in werking treedt en het beoogde resultaat - genezing! - bewerkstelligt. Zonder te handelen naar het geloof, wordt de duivel niet echt weerstaan! De acties met ons fysieke lichaam behoren tot de krachtigste manieren om de duivel te weerstaan. 

Dit is een verhaal van Andrew Wommack, die de dag voor de inzegening als pastor van een gemeente zich vertilde aan de garagedeur, zware pijn in zijn rug had en zich nauwelijks kon bewegen. Hij kon niet eens om hulp roepen, dat was zelfs te pijnlijk. Na verloop van tijd vond zijn vrouw hem. Hij vroeg zijn vrouw om gebed en hielp hem op de been. Ze geloofden beiden voor de genezing, maar zagen geen fysieke manifestatie daarvan. Satan deed er alles aan om hem te doen geloven dat hij niet genezen was. Hij had dus kunnen zeggen: "Ik ben genezen" en naar bed kunnen gaan. Maar in plaats daarvan ging hij het huis in, deed voor zo'n 8 uur oefeningen. Hij kon nauwelijks bewegen zonder erge pijn, maar hij deed alle bewegingen die hij ook maar enigermate kon doen. Hij gedroeg zich dus genezen, i.p.v. ziek. De pijn ging nog niet weg, maar de bewegingsvrijheid kwam langzamerhand terug. Hij ging 's avonds naar bed gewoon van vermoeidheid, niet omdat hij zich ziek voelde! Hij bad voor goede nachtrust en dat de volgende morgen het probleem weg zou zijn. Hij werd de volgende dag wakker en de pijn was er nog steeds en zijn schouders zaten nog steeds 'op slot'. De duivel probeerde hem wijs te maken: je bent niet genezen. Hij weerstond de duivel, sprak expliciet tegen hem, hij beleed zijn geloof, maar hij gedroeg zich ook naar het Woord. Hij bleef die dag doorgaan met oefeningen. Hij trof voorbereidingen voor de inzegeningen als pastor die avond. En de duivel probeerde hem gedachten te geven van staand op het podium, verklarend dat hij een dienaar van God was, met geloof in goddelijke genezing, en dan met zijn schouders vast en al die pijn. Een afgang tegenover al die mensen. Hij bestrafte die gedachten en hij ging van succes uit. Hij ging er van uit dat hij die avond daar gezond en wel zou staan te preken. Toen hij zijn haar ging wassen, deed het vreselijk pijn - het was de moeilijkste houding. Hij kon het niet meer en zou zijn vrouw vragen het haar voor hem te wassen. En toen dacht hij: "Nee, ik doe het zelf! Ik zal me gedragen alsof ik genezen ben. Als ik gezond zou zijn, zou ik mijn vrouw toch niet vragen mijn haar te wassen?! Dus ik gedraag me alsof ik genezen ben." Hij begon toen in vreselijke pijn zijn haar te wassen en in tongen te bidden. En ergens tussen de eerste keer en tweede keer spoelen, was hij totaal vrij van pijn. Zijn schouders waren normaal. Hij ging naar die inzegeningsdienst die avond volkomen genezen en vrij van pijn.

Waarom het bij hem zo lang moest duren, weet hij ook niet. Maar wat hij wél weet is dat het weerstaan van de duivel van cruciaal belang voor de genezing is. Er zijn veel mensen die net zo goed de genezing van God hadden ontvangen, maar ze ondervonden de manifestatie van die genezing niet, omdat ze in het genezingsproces er niet naar handelden. Immers zoals Jacobus 2 zegt, geloof zonder werken is dood. 

Als u ziek bent en u gaat naar bed, slikt pillen en ligt TV te kijken - dat is aan u - maar als u gezond en genezen zou zijn, zou u dat niet doen. Toch?! We moeten in overeenstemming met ons geloof gaan handelen! Heel veel mensen zijn er die daarom hun genezing mislopen.

Voor de goede orde: er zijn mensen die op basis van dit onderwijs hun bril weggooien of met hun gebruikelijke medicijnen stoppen, om er vervolgens achter te komen dat ze na verloop van tijd niet zonder kunnen en een nieuwe bril moeten kopen of dat men ernstig ziek wordt. 
Daarom is het belangrijk er op te wijzen dat die tekst in Jacobus 2: 17 niet zegt, dat geloof kómt door overeenkomstig handelen. Geloof komt door het horen van het Woord van God - Romeinen 10: 17. 

Het is niet zo dat door zulke acties, zulke handelingen men meer geloof zou krijgen. Nee, het geloof komt door het Woord van God. Onze gedachten moeten door het Woord van God vernieuwd worden. Als u het geloof niet hebt, en u doet alsof u het geloof wél hebt, zult u het niet redden. De acties op zich produceren geen geloof.

Maar áls u het geloof wél hebt, zal het vroeg of laat gevolgd móeten worden door overeenkomstige acties, om door geloof het beoogde resultaat te verkrijgen. 
Dat is een situatie die u voor uzelf tegenover God moet beoordelen. U weet uiteindelijk zelf het beste wat er diep in uw hart leeft. Naarmate er meer in geloof gehandeld wordt, des te meer het besef groeit wanneer men wél en wanneer men niét in geloof bezig is.
Er is een subtiel verschil.

De vele mensen die het bovenstaande geprobeerd hebben en vervolgens met de ernstige gevolgen zaten (ongelukken, in coma door insuline niet meer te nemen etc.) hebben het evangelie en met name de genezingsbediening een slechte naam bezorgd.
Zij hebben niet in geloof gehandeld, want geloof werkt wel degelijk: geloof overwint de wereld. (1 Joh. 5: 4). Het probleem is dat die mensen dáchten dat ze het geloof hadden, het echter niet hadden, maar wél handelden alsof ze het hadden. Dat werkt dus niet. 
Het gaat niet om geloof alleen, het niet om handelingen alleen, het gaat om de combinatie van geloof én werken! 

De vraag die Andrew Wommack stelt aan mensen die bijv. geloof zeggen te hebben voor het niet meer dragen van een bril: "Weet u dat héél zeker, opereert u in geloof, weet u zeker dat u bereid bent de duivel te weerstaan als u niet meteen de manifestatie van het herstel van gezichtsvermogen ziet?" Als hij voelt dat ze daaraan twijfelen, dan raadt hij hen aan de bril op te houden. Het maakt God niet uit of u de rest van je leven de wereld door die twee raampjes ziet. Het gaat er niet om dat God er voordeel bij heeft, het gaat er om dat u er beter van wordt. Of u die bril nou draagt of niet, God houdt net zo veel van u. Maar als u geloof hebt voor de genezing van uw ogen, bent u daar vrij in. 
Hebt u dat geloof nog niet, duik dan in Gods Woord en bouw uw geloof op net zo lang tot u er zeker van bent dat u in geloof bezig bent. Dan zult u op een punt komen waar u in geloof moet gaan handelen en die bril af moet zetten. Dat is tussen u en God. 
Er zijn vele getuigenissen van mensen waar fantastische resultaten geboekt zijn, maar ook heel wat waar weliswaar verbetering te constateren was, maar niet complete genezing. 

Er zijn diverse reacties mogelijk op het niet totaal genezen van beperkt gezichtsvermogen. U kunt óf zeggen: "Het Woord van God klopt niet, het werkt niet." Dat is heel gevaarlijk, want het tast uw geloofsleven aan, breekt het af. Of u zegt: "Mijn geloof was nog niet sterk genoeg. Ik zet m'n bril weer op en ga werken aan de verdere opbouw van mijn geloof tot ik zover ben dat het wel lukt." Of u zegt: "Ik ben er nog niet. Ik ben er mee bezig, ik kan nog functioneren met de ogen zoals ze nu zijn, ik ga dus door te handelen in geloof." U zult dan tegenstand krijgen, maar in die periode kunt u uw geloof opbouwen. Dan zal de genezing sneller komen, maar de strijd zal ook veel zwaarder zijn. 

Naar de dokter?
Andrew Wommack: "Ik ga niet naar de dokter, want ik ben niet ziek, ik ben gezond!" De meeste mensen gaan toch niet naar de dokter, tenzij ze ziek zijn. Het heeft ook hier te maken met de vraag of u geloof heeft dat u genezen bent. 
Een simpel antwoord: "Als u gelooft dat u ziek bent, ga naar de dokter. Als u gelooft dat u gezond bent, beter bent, ga niet naar de dokter!" Ook als u er ziek uitziet, maar u gelóóft dat u gezond bent, ga dan niet naar de dokter.
Als u gezond wilt zijn, maar u gelooft niet écht dat u gezond bent, dat u beter bent, dan zal handelen alsof u gezond, beter, bent, niet de genezing brengen! Immers, "werken zonder geloof is dood." Net zo als "geloof zonder werken dood is." Jacobus 2: 17, 22.

Bent u ziek, hebt u twijfels over genezing op gebed, dan moet u medische hulp inschakelen. Er is geen veroordeling! Er kan echter een punt komen waarop de doktoren zeggen dat u zult sterven en het Woord van God zegt dat u zult leven. U moet dan zelf beslissen wat u wilt en zult geloven! En overeenkomstig die beslissing zult u moeten handelen. 
Andrew Wommack: "Ik ga nooit naar een dokter, want ik ben nooit ziek. Soms lijk ik wel ziek, maar ik accepteer het niet. En ik ga er tegenin en dan duurt het nooit langer dan één á twee uur en ik ben weer beter." Het hangt dus af van waar u staat in uw geloof; daar moet u naar handelen. 

U hoeft niet persé meteen in totáál geloof te handelen. Bijv. iemand in een rolstoel zou zeggen: "Ik kan niet geloof hebben voor het in één keer uit de rolstoel opstaan." OK, maar wellicht wel om een vinger te bewegen, meer dan eerst het geval was. Geloof zonder werken is dood, maar als u werkelijk een beetje geloof hebt en u handelt er naar door 'corresponding action' zal het uw geloof volkomen maken. (Jacobus 2: 22). Doe dus wat u kunt, zet uw geloof vrij, handel er zo veel mogelijk naar en u zult resultaten beginnen te zien. 


5) Verkeerd zaaien in het vlees

Ook een belangrijk terrein. Het is nogal verwaarloosd. Er zijn veel mensen die denken dat het Gods wil is dat men geneest en tegelijk als een beest kunt leven, waar het om hun lichaam gaat. Dat gaat dus niet. 

Zie Lucas 4, waar de duivel Jezus probeerde te verzoeken. 
Satan nam Jezus mee naar het dak van de tempel en daagde Hem uit van het dak te springen, want er staat immers geschreven etc. En satan citeerde in Lucas 4: 10,11 uit Psalm 91: "…Aan Zijn engelen zal Hij opdracht geven aangaande u om u te behoeden. (11) en: Op de handen zullen zij u dragen, opdat gij uw voet niet aan een steen stoot." 
Satan probeerde het Woord tegen Jezus te gebruiken, dat zal hij ook met u proberen. Hij zal u bijv. influisteren: "Het doet er niet toe hoe u eet, het maakt niet uit wat je doet, of je nou beweging hebt of niet etc. God heeft immers goddelijke genezing beloofd, dus wat je ook doet of laat, het doet er niet toe." 
Maar Jezus zei tegen hem: "Gij zult de Heer uw God niet verzoeken." (Lucas 4: 12)
Satan had ten dele gelijk. Want er was bescherming beschikbaar voor Jezus, maar satan zei in Lucas 4: 11: "…. opdat gij Uw voet ' wanneer dan ook' niet aan een steen stoot." 
Dat stond er niet, maar dat impliceerde satan wél. 
U kunt niet zomaar van de eerste de beste kerktoren afspringen en verwachten dat Psalm 91 in werking treedt. Als u echter van een kerktoren áf zou vallen, zou God u best op bovennatuurlijke wijze kunnen redden. Maar u kunt er niet mee verzoeken!! Net zo min als u volgens Marcus 16 God kunt uitdagen door slangen op te pakken en beweren dat die beesten u geen kwaad kunnen doen. Zo zijn er meerdere mensen om het leven gekomen. Net zo min als u gif kunt drinken en dan zeggen dat het u geen kwaad zal doen, ook al volgens Marcus 16. 
Het is heel wat anders als u in een situatie bent en geen keus hebt of u weet 't niet, bijv. omdat iemand u heeft proberen te vergiftigen, dán kunt u op die schriftgedeeltes gaan stáán! Andrew Wommack kan daarvan uit eigen ondervinding getuigen; men heeft hem trachten te vergiftigen met dodelijke spul, andere mensen zijn als gevolg van soortgelijke situaties overleden, hij niet! Maar hij heeft God daarmee niet verzocht.

Zo zijn er heel veel mensen die door God genezen worden, maar met hun levensstijl God verzoeken! Veel mensen eten te veel. Er zijn heel wat mensen die zichzelf 'doodvreten' terwijl ze zich afvragen, waarom genezing niet doorzet. Dan redeneert men bijvoorbeeld als volgt: "Er klopt iets niet. God geneest vast niet iedereen. Want ik heb gebeden, ik sta op het Woord, en ik heb dit en dat gedaan etc." Maar hebben deze zelfde mensen wel op hun dieet gelet? Alles wat men eet, heeft effect op het lichaam. Verkeerd voedsel of teveel zal een negatief effect op het lichaam hebben. Er is genoeg kennis en wijsheid beschikbaar vandaag de dag om te weten wat goed is en wat niet goed is als het om eten en voedingsmiddelen gaat. 

Als iemand gebed vraagt voor slapeloosheid, dan kan dat. Maar als diezelfde persoon bijv. 10 kopjes koffie per dag drinkt, is het ook zaak deze persoon te vertellen te stoppen met het drinken van koffie, of in elk geval het veel minder te doen. Men heeft dan verkeerd in het vlees gezaaid! Het is dan het verzoeken van God om Hem te vragen de effecten van natuurlijke wetten a.h.w. te overrulen. 
Als u dat nou zo lang gedaan zou hebben, dat uw lichaam er ziek van geworden was, en u was er ondertussen mee gestopt, dan zou men er gerust gebed aan kunnen wijden, bijv. "Heer, u hebt gehoord dat hij zijn zonde op dit vlak heeft bekend, U zult hem daarvoor vergeven. Ik geloof dat U hem van de effecten zult zuiveren." Vervolgens zou men tegen het lichaam kunnen spreken en het schoonmaken van alle negatieve, en geloof uitspreken voor genezing, het totaal verwachten en de resultaten zien. 
Maar als u daarentegen doorgaat met uw slechte drinkgewoonten, dan zou men niet bereid zijn met u te bidden. Want ook al zou God het lichaam van al die troep schoonmaken, u zou het er net zo goed weer in terug stoppen. 

Een veel gehoord probleem is rugklachten. Deze zelfde mensen zij echter ook veelal 30, 40 50 kg te zwaar. Als men dan rugklachten heeft, is dat niet de duivel die dat veroorzaakt heeft, maar de mensen zelf. U kunt er voor bidden, God houdt van u en hij verhoort uw gebed, maar als u niets aan uw overgewicht doet, komt de pijn zo weer terug. Vergelijk het met het vastbinden van een grote zak aardappelen om uw middeI en u zeult dat dag in dag uit met u mee, jaren lang. Bij het lopen, bij het slapen, bij het zitten - voortdurend. Dan zou u ook rugklachten krijgen. Als u voor gebed zou komen, zou er weliswaar voor u gebeden worden, maar de zak aardappelen om uw middel zou eveneens verwijderd moeten worden! 

Verkeerd zaaien in het vlees moet dus vermeden worden. Maar men weet niet of alles wat men eet altijd goed is. Daarom is het nog steeds zaak het eten te zegenen en te heiligen. Dat is uiteraard niet hetzelfde als maar lukraak eten met de gedachte dat God het eten wel zal zegenen en heiligen. Wij moeten niet ons verstand op nul zetten. Dan verzoeken we God. Een zekere hoeveelheid beweging is ook goed voor het lichaam en in onze westerse maatschappij doen we dat veel te weinig. 

Het gaat dus niet aan een verkeerde levensstijl aan te houden en als er dan problemen door ontstaan God te bidden om genezing, zonder enige verandering in die levensstijl. Dat is God verzoeken. 

Emotionele effecten op het lichaam
Het gaat hier niet om psycho-somatische klachten. Maar wel om de effecten van emotionele problemen en stress en het effect daarvan op het lichaam, op de conditie.
Er zijn mensen genezen van ziektes, die geworteld waren in emotionele onbalans. Ze hadden hun levensstijl echter niet veranderd en datgene dat satan had gebruikt als ingang om die ziekte oorspronkelijk op hen te leggen, is er nog steeds. Die wortel zit er nog steeds en zal weer gaan uitgroeien. Het kan ook zijn dat mensen sowieso niet genezing ontvangen, omdat ze de wortel van het kwaad niet aanpakken. 

Voorbeeld. Andrew Wommack kwam eens in aanraking met een vrouw die in een samenkomst was. Door de Heilige Geest geopenbaard wist Andrew dat die vrouw reuma had en liet haar naar voren komen. De vrouw wist dat deze openbaring van de Heer was en Hij haar wilde genezen. Na het gebed werd haar gevraagd of ze nog pijn had en alle pijn was weg! Absoluut geen pijn meer. 
Twee dagen later kwam die vrouw terug en vroeg aan Andrew Wommack wat er aan de hand was want voordat ze die avond van haar genezing thuis was gekomen, was de pijn terug. En op toen ze Andrew Wommack na twee dagen weer sprak was die net zo erg als daarvóór. 
Andrew Wommack geloofde nog steeds dat God haar genezen had; als God in staat is iemand een uur lang te genezen, kan Hij dat ook voor altijd. 
Maar hij wist ook dat er een reden was, waarom satan zo gemakkelijk toegang tot haar had. Hij keek de vrouw aan en God gaf hem een woord van wijsheid: er was bitterheid in haar hart. In Hebr. 12: 15 wordt gewaarschuwd tegen "de bittere wortel, dat die niet op mag schieten en verwarring stichten, waardoor velen besmet zouden worden." 

Ook Jacobus 3: 16: "…waar naijver en zelfzucht heerst daar is wanorde en allerlei kwade praktijk" Die 'kwade praktijk' omvat zeker ook ziekte. 

Andrew Wommack vroeg dus aan de vrouw of zij bitterheid in haar hart had en of zij bitterheid jegens iemand in haar hart koesterde. En hij had het nauwelijks gezegd of de vrouw wist precies over wie hij het had. Vele jaren lang had ze al een probleem met iemand. Ze wisten beide dat dát een barriére voor haar genezing was geweest, rekenden met die zaak af en de genezing manifesteerde zich opnieuw. En nu kon ze die genezing vasthouden. 

Zo zijn er veel ziektes en kwalen die simpel het gevolg zijn van emotionele problemen die men heeft. Bepaalde darmklachten zijn veroorzaakt doordat stress een zeker hormoon afscheidt dat de bloedvaten in de ingewanden doet krimpen en deze doen de bloedvaten naar de spieren juist opzwellen. God heeft ons zo gemaakt omdat in situaties van extreem gevaar, wij op die manier klaargemaakt worden om te vechten of te vluchten. Al het bloed zou naar de spieren gaan en zo extreme kracht teweegbrengen. Er zijn gevallen bekend van bijv. moeders die een auto hebben opgetild, om hun kind te bevrijden dat er onder terecht gekomen was. Er is dus een positief effect mee mogelijk, zo had God het bedoeld. 

Maar als het niet door gevaar, maar door bijv. stress komt, dagelijks terugkerend, dan komt het bloed niet op de normale plaatsten zoals in de darmen. Dan ontstaat een dikke-darm-ontsteking. Dokters kunnen opereren en het verhelpen, maar als er niets aan de oorzaak - emotionele stress - wordt gedaan, komt het probleem weer terug.

De medische wetenschap stelt dat 90 - 95 % van alle medische problemen terug te voeren zijn naar emotionele oorzaken. D.w.z. dat gelovigen 90-95 % van hun kwalen en ziektes kunnen voorkomen door overeenkomstig Gods wetten te leven en Hij zal hen in perfecte vrede bewaren, zonder al die stress. 
Het wandelen in optimale gezondheid, is beter dan het wandelen in optimale genezing. 

We moeten niet slechts met de symptomen afrekenen, maar de wortels aanpakken. Veel zaken als hoofdpijn, rugklachten, pijnlijke schouders etc, komen voort uit stress, emotionele problemen. Gebrek aan begrip op dit vlak is een belangrijk obstakel geweest voor het ontvangen van genezing. Geloof is geen vervanger voor een juiste levenswandel, voor goede zorg voor het lichaam, ook niet voor gehoorzaamheid. 

Tenslotte, als mensen ziek geworden zijn door een verkeerde levensstijl, dan moeten ze niet de ziekte of kwaal maar accepteren als zijnde een welverdiende straf of i.d. Misschien is er een natuurlijke wet in werking getreden door een levensstijl, maar die kan overruled worden door vergeving. Prijs God. Bid: "God ik besef dat ik verkeerd geleefd heb. Vergeef mij. Ik ga mijn gewoontes veranderen, maar totdat dat effect heeft gesorteerd, wil ik van dit fysieke probleem af. Ik wil geen darmoperatie. Ik besef nu dat het stress is die dit heeft veroorzaakt, maar prijs God dat ik niet een jaar hoef te wachten totdat alles opgelost is. Vergeef mij Heer, en genees mij nu op dit moment." Ja, die genezing kunt u ontvangen en dan gaat u werken aan een andere levensstijl. Die wet van vergeving kan u op bovennatuurlijk wijze op de been helpen, totdat u uw emoties beheersbaar heeft gemaakt, totdat u uw gedachten volkomen op God gericht heeft. 

De natuurlijke wetmatigheden moet u dus niet negeren. Maar u moet wijsheid betrachten en niet langer die natuurlijke factoren negeren. U kunt niet uw emoties nog langer op satan gericht houden en tegelijkertijd Gods resultaten verwachten als het bijv. om genezing gaat. Uw lichamelijke conditie wordt zeer sterk door uw emoties beïnvloed. Het rode haar van Mary Queen of Scotts werd in één nacht wit, door de angst voor haar aanstaande executie.

Uw geestelijke, emotionele conditie heeft direct effect op uw lichamelijke conditie. Het gaat er niet om mensen op dit vlak te veroordelen, maar om met deze zaken rekening te houden, zich er van te bekeren, er zo nodig mee af te rekenen. Voor zover van toepassing: belijd die dingen, vraag vergeving van God. Negeer het in elk geval niet! 
Besteed er aandacht aan en als we dat doen, zullen we resultaten zien. 

6) Principes

In het voorgaande zijn de principes aangedragen waarom mensen soms niet genezen of hun eenmaal ontvangen genezing niet behouden.
Persoonlijke situaties kunnen anders zijn, maar door de principes hier aangedragen toe te passen, kunnen voor iedereen overwinningen op dit terrein geboekt worden. Ook u kunt dan uw genezing ontvangen.
Handel er naar. Geloof zonder werken is dood. Disciplineer uw leven met de dingen die u gehoord hebt, zet het geloof dat het Gods wil is dat u geneest in werking. Het is een onderdeel van de door Jezus bewerkte verzoening tussen u en God. Werp twijfel en ongeloof van u af, haal de wortels van ellende weg en disciplineer u zelf. 
Als u dat doet, is het geloof dat u al hebt, méér dan voldoende om succes te hebben. Als het er maar is in de zuivere vorm. "Geloof alleen!" Prijs de Heer!! 

[Andrew Wommack; vertaald en geredigeerd: HSJP201001]
Onderwijs vertaald van MP3 bestanden. Gedownload van www.awmi.net