Heeft u een persbericht? Stuur het dan naar pers...@volle-evangelie.nl
Online Bijbel Plus Pakket

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 
Gods soort liefde - 3
de remedie voor alles wat er aan je scheelt. 

Andrew Wommack


Het meeste onderwijs over de liefde van God gaat helemaal over hoe wij anderen moeten liefhebben. Dat is zeer zeker nodig en ook van toepassing, maar vaak schieten we tekort in het benadrukken hoezeer God ons liefheeft. Wat wij niet hebben ontvangen kunnen wij ook niet geven. Voordat wij werkelijk anderen kunnen liefhebben, hebben wij een openbaring van Gods liefde voor onszelf nodig. Deze serie zal je helpen een diepere openbaring te ontvangen van Gods onvoorwaardelijke liefde voor jou. 

Dit is een driedelige serie MP3-onderwijs.
Te downloaden van: http://www.awmi.net/extra/audio/1015 (of kijk TV)
Oorspronkelijke titel: ‘Gods kind of love: the cure for all that ails ya!’-‘The Key To Being Full Of God’
Vertaling: Jan Vossen, 2007 voor reacties en commentaar: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. 

Deel 3: De sleutel tot het vol zijn van God

Laten we eens gaan kijken naar Efeziërs hoofdstuk 3. Dit is een gebed dat Paulus bad voor de Efeziërs. Er zijn twee gebeden die hier in Efeziërs worden gebeden. Hoofdstuk 1, beginnend bij vers 15 en ook in hoofdstuk 3 vanaf vers 14. Hij zegt: 14 Om die reden buig ik mijn knieën voor de Vader, 15 naar wie alle geslacht in de hemelen en op de aarde genoemd wordt, 16 opdat Hij u geve, naar de rijkdom zijner heerlijkheid, met kracht gesterkt te worden door zijn Geest in de inwendige mens. 
Dit is een krachtig gebed. We kunnen aan ieder onderdeel hiervan heel veel tijd besteden. Maar merk gewoon op dat hij bidt dat deze mensen met ‘kracht gesterkt worden’ door de Geest in de inwendige mens. En hoe komt dat tot stand? 17 opdat Christus door het geloof in uw harten woning make. Geworteld en gegrond in de liefde, 18 zult gij dan samen met alle heiligen, in staat zijn te vatten, hoe groot de breedte en lengte en hoogte en diepte is, 19 en te kennen de liefde van Christus, die de kennis te boven gaat, opdat gij vervuld wordt tot alle volheid Gods. 
Dit zegt dat Christus door geloof in je hart woning maakt, zodat je geworteld en gegrond zult worden in de liefde. Dán zul je in staat zijn te vatten. 

Weet je dat als je geworteld en gegrond bent in de liefde, dat dan openbaringskennis van het Woord in je zal explodéren? Ik kan hier echt heel veel tijd aan besteden om hier over te spreken, maar het begríjpen van de liefde van God is een sleutel tot het begrijpen van het Woord. Want God IS liefde. Jezus was het vlees geworden Woord dat onder ons heeft gewoond. Als wij verkeerde opvattingen over liefde hebben, als wij denken dat Gods liefde voorwaardelijk is, als wij denken dat Hij het wegneemt wanneer wij het niet verdienen en dat Hij het geeft als wij het verdienen, dan missen wij precíes de ware aard en natuur van God en zijn wij daardoor niet in staat de Schrift te begrijpen. Wetticisme maakt mensen blind voor de openbaring van Gods Woord. Wetticisme stompt je geestelijk af en zorgt dat je niet ontvankelijk bent, geestelijk achterlijk. Ik kan daar veel tijd aan besteden, maar vanavond is dit niet mijn onderwerp. Ik moet dit even noemen en ga vervolgens verder. 

Maar dit Schriftgedeelte zegt dat als je geworteld en gegrond bent in de liefde, dat je dán in staat zult zijn te begrijpen, samen met alle heiligen. Begrip, begrijpen is verbonden aan het hebben ontvangen van een openbaring van Gods soort van liefde. Als jij het moeilijk vindt om geestelijke waarheden te begrijpen dan is er een gebrek aan begrip van de liefde van God. De sleutel is dus je te concentreren op de liefde van God. Als jij eenmaal begint met God Zijn liefde aan jou te laten openbaren, zul je merken dat de openbaringskennis van het Woord van God binnen in je zal exploderen. Dat is een sleutel. 

En er staat ook dat jij in staat zult zijn te vatten, samen met alle heiligen. Dat betekent dat dit dus niet alleen maar voor enkele uitverkorenen is. Dit geldt voor álle heiligen. Dit gebed is voor íedereen. Soms, als je begint te spreken over dat mensen een openbaring moeten ontvangen van de liefde van God, denken sommigen dat het maar voor een enkeling is. Een of andere prediker, of een predikant, krijgt het, maar ik ben maar een gewone doorsnee christen, voor mij gaat dat niet op. Er staat dat dit geldt voor álle heiligen. Het is een gebed, gebeden voor álle heiligen. Er is hier geen enkel persoon van wie de Heer zou willen dat het jou ontbreekt aan (openbarings)kennis van de liefde van God. 

En merk op dat je vat met alle heiligen hoe groot de lengte, de breedte de hoogte, en de diepte is. Met andere woorden, er zijn verschillende niveaus (dimensies) van het begrijpen van de liefde van God. Dit is het stadium waarop de meeste mensen zijn. Ze begrijpen dat God tot op zekere hoogte van hen houdt, en dat is de reden dat ze nog niet weggevaagd zijn. Maar we hebben niet de diepte, en de breedte en de lengte van Gods soort liefde begrepen. Dat is gewoon niet te peilen, zo ver. De Schrift spreekt daar ook over, over de onpeilbare rijkdommen van Zijn genade. Het is gewoon buiten onze vermogens om het ooit volledig te begrijpen, maar ik kan je garanderen dat je 20, 30, 40 jaar kunt doorbrengen en zoeken om dit met je hart te begrijpen zonder het ooit volledig op een rijtje te kunnen hebben. 

En ook dat is een reden waarom heel veel mensen, als je over de liefde van God spreekt, zeggen: ‘Maar dat weet ik al’. Maar als jij zegt: ‘dat weet ik al’, dan heb je werkelijk geen idee waar je over praat. In feite stelt de Schrift dat als iemand beweert: ‘Ik weet iets’, dat ze in feite níets weten . Dat zouden ze in ieder geval moeten weten. Hoe meer je leert kennen van de Heer, hoe meer je je realiseert dat er nog véél meer te kennen is. Iemand die beweert: ‘Ik weet nu wel hoe het allemaal zit’ is iemand die geen flauw idee heeft. Je kunt echt enórm veel weten en je dan realiseren dat er nog veel en veel meer is. Als je begint te leren over de liefde van God, en je krijgt er een klein glimpje van te pakken, dan is dát al genoeg om je helemaal te overdonderen, hoe ontzagwekkend de liefde van God is. Er is een grootsheid in lengte, breedte, diepte en hoogte van de liefde van God die níemand werkelijk helemaal kan doorgronden. 

En in het volgende vers 19 zegt hij dat je de liefde van Christus zult leren kénnen, die de kennis te boven gaat. Als het kennis te boven gaat, hoe kun je het dan kénnen? Eén van de woorden die hier gebruikt worden is een algemene term. Het eerste woord wordt op veel plaatsen op verschillende manieren gebruikt, maar betekent in feite een ervaringssoort van kennis, terwijl het tweede woord hier alleen spreekt over verstandelijk begrijpen. Datzelfde woord word ook wel met ‘wetenschap’ vertaald. Dat spreekt daar over feiten, kennis, informatie. En hij heeft het er hier dus over dat je een erváring zult hebben met de liefde van God, die verstandelijke kennis of begrip verre te boven gaat. Het gaat dus over ervaringskennis in plaats van intellectuele kennis. In de Bijbel wordt vaak het woord ‘kende’ of ‘bekende’ gebruikt. Adam ‘kende’ of ‘bekende’ zijn vrouw Eva en zij werd zwanger. En Kaïn ‘kende’ zijn vrouw en zij werd zwanger etc. En dit woord kennen spreekt over de meest intieme persoonlijke relatie die je maar kunt hebben. En op die manier wordt het woord hier gebruikt. 

Hij zegt dat God je een ervaringskennis, een diepe ervaring van kennen wil geven van Gods soort liefde. En dat gaat kennis te boven. Die kennis is slechts verstandelijk begrip. De meesten van jullie, als ik een tentamen af zou nemen, en je informatie zou vragen, feiten, dan kun je die beantwoorden. Ja, God houdt van me. Je kunt feiten beantwoorden. 

Als ik je zou testen op concepten, inzichtelijke ideeën, zouden de meeste mensen zakken. Omdat concepten anders zijn dan intellectuele feiten. Veel mensen hebben feitenkennis, maar het heeft onze concepten, onze manier van denken niet veranderd. Wij moeten verder gaan dan louter intellectueel begrijpen en een ervaringskennis krijgen, die een wezenlijk deel van ons wordt, dat God van ons houdt. En het laatste stuk van dat 19e vers zegt dat als je de liefde van God die verstand te bóven gaat ként, dat je dan: ‘vervuld wordt tot alle volheid Gods.’ Wat een ontzagwekkende uitspraak! Laat me op basis hiervan enkele stellingen poneren. 

Als jij niet vervuld bent met alle volheid van God. Raad een, dan heb je onvoldoende werkzame ervaringskennis van de liefde van God. Als dit waar is, als je van de ene kant naar het vers kijkt, dan is het ook waar als je het van de andere kant bekijkt. Als de conclusie is, dat door het kennen van Gods liefde je vervuld wordt met de volheid van God, dan kun je dat ook omkeren en stellen dat als je niet met de volheid van God bent vervuld dat je een tekort hebt op het begrijpen van de liefde van God. De liefde van God is de sleutel tot vervuld worden met de volheid van God. God is liefde. Als je vervuld bent met liefde, ben je vervuld met God. Het is allemaal heel eenvoudig. Daar hoef je geen hooggeleerd persoon voor te zijn, om dat te begrijpen. Amen?

God is liefde. Als je vervuld bent met liefde ben je vervuld met God. Als je merkt dat er liefde uit je stroomt dan kun je verzekerd zijn dat God door je heen stroomt. Dit is een apart onderwerp. Ik heb daar nu geen tijd voor, maar dit zijn enkele geweldige dingen, die mij enorm hebben geholpen. Als je bewogenheid voelt, en er is een verschil tussen Gods bovennatuurlijke bewogenheid en medelijden, of een schuldgevoel of gevoel van verplichting. Maar als je bewogenheid, Gods soort liefde, uit je voelt stromen, is dat áltijd God. God is liefde. En iedere keer als je die liefde uit je voelt stromen, stroomt God daarin mee en zie je de kracht van God manifesteren. 

Dat heb ik duizenden en duizenden keren gebruikt in het functioneren in de gaven van de Geest. Terwijl ik aan het bedienen ben, kan ik de liefde van God uit me naar bepaalde mensen voelen stromen. En daarom focus ik me soms op mensen. En ik kan je verzekeren dat God aan bepaalde mensen aan het bedienen is, omdat ik de bewogenheid van God door me heen naar hen toe voel stromen. En wat ik vaak doe is hen naar voren roepen, en dan bedien ik hen in de gaven van de Geest. Soms weet ik echt helemaal niets wat ik moet zeggen, ik weet helemaal niks, maar het enige dat ik weet is, dat God aan het stromen is, en dan geef ik me over aan de gaven van de Geest. En ik heb mezelf echt duizenden keren blootgesteld daaraan en de spijker op de kop geslagen. Mensen werden bevrijd en verlost. 

Ik kan me een meisje herinneren in Engeland. Toen ik haar bediende kon ik nauwelijks iets zeggen of doen, omdat ik zó’n bewogenheid voelde van God naar dit meisje. Het eerste wat ik deed was haar naar voren roepen. En ik begon te bidden voor haar. En de Heer liet me zien dat er iets met haar voet was. En ik begon te bidden en ze was ogenblikkelijk genezen. En weet je dat bleek dat ze helemaal nog niet gered was. Ze was behoorlijk verdorven, leefde in zonde en in overspel. Haar moeder had haar tegen haar zin naar de samenkomst gesleept. En ze werd zó aangeraakt dat ze wederomgeboren werd. Het is nu jaren geleden en ze dient God. En ze is een zeer dienend en bijdragend lid van die kerk. En dat gebeurde allemaal vanwege de liefde die uit me stroomde.

Ik riep eens een vrouw naar voren in een kleine kerkdienst. Deze dame had ik nog nooit eerder gezien. Maar ik voelde gewoon bewogenheid naar haar uitgaan. Daarom riep ik haar naar voren. Ik wist werkelijk helemaal niets te zeggen tegen deze dame. Helemaal niets. Ik begon er dus voor te bidden en terwijl ik aan het bidden was, liet de Heer me zien dat zij rouwde om het verlies van iemand. Dat er iemand was gestorven en zij er verdriet om had. En toen ik dat vertelde kon je zien dat ik de spijker op de kop sloeg. De vrouw begon te huilen en ik begon voor haar te bidden. En ik zei: ‘Je geeft God de schuld, jij denkt dat het Gods wil was, dat deze persoon was overleden. Maar het was helemaal niet God, maar de vernieler die deze persoon heeft gedood. En ik bleef maar dat woord gebruiken. Het is de vernieler die deze persoon heeft gedood, niet God. God heeft je niet in de steek gelaten. God is trouw aan je.’ En het bleek dat de zoon van deze vrouw was overleden aan leukemie, vlak daarvoor. En hij was gelovig en had geprobeerd te geloven voor zijn genezing. En hij heeft wat verbetering gezien, het ging wat beter met hem, maar toch is hij gestorven. En er waren twee mensen in een gehucht van 70 mensen die dezelfde maand aan leukemie waren gestorven. Volgens de statistieken is de kans dat dat gebeurd bijna onmogelijk. Er was sprake van een geestelijke kracht. En deze jongen reed vlak voor hij stierf dat plaatsje binnen. En met zijn open ogen had hij een visioen en zag deze enorme demonische macht boven deze plaats, die het onder druk zette. En hij vroeg: ‘God wat is dat?’ En God zei: ‘Dat is de vernieler waartegen je strijd. De vernieler wil je doden.’ God probeerde hen het antwoord te geven. En zij wisten gewoon niets over geestelijke oorlogvoering en hoe ze dat moesten aanpakken. En door dit woord van kennis veranderde het leven van deze vrouw volkomen. En veranderde ook haar gezin. Het was indrukwekkend. 

Als jij eenmaal begint Gods soort liefde te ervaren, en die liefde te volgen en als je door liefde geleid wordt, wordt je door God geleid. Als je voor iemand aan het bidden bent en opeens heb je een bewogenheid voor die persoon dan moet je die bewogenheid volgen. Als je niets weet te delen, roep ze dan naar voren en zeg: ‘Hé, God houdt van je.’ Ooit deed iemand dat tegen mij. En ik kan je verzekeren dat het mijn leven veranderde. Iemand die tegen me zei: ‘God houdt van je’ terwijl ik me daar zat af te vragen of God wel van me hield. 

Ik heb eens een vrouw gebeld, die de oorzaak was geweest dat ik in de bediening ben gaan staan. Zij en haar echtgenoot hadden mijn leven veranderd. Ik had ze tien jaar lang niet gezien. Ik bad voor ze en belde ze. En toen ze hoorde dat ik het was hing ze onmiddellijk op. En ik dacht, God, nu zit ik er toch echt naast. Vijf minuten later belde ze terug en zei: ‘Het spijt me, ik was zó boos. We waren bezig de bediening op te geven en overal mee te stoppen. Ik zat daar net en ik zei: ‘God, als er een God is, waarom komt nooit iemand eens míj bedienen. Waarom moeten wíj altijd maar geven. Waarom komt nooit iemand míj een bedienen en bemoedigen.’ En terwijl ik aan het bidden was belde jij op.’ Dat veranderde haar leven. Ze zijn helemaal terug in de bediening en gaan er voluit tegenaan. Ze doen het geweldig. Weet je wat dat was, het was liefde. Je moet gewoon leren de liefde te volgen. God is liefde. De meesten van ons bedienen uit angst of vrees of allerlei andere dingen. 

Als jij de liefde van God ervaart, zul je vólheid van God ervaren. Kijk ook eens in 1Korintiërs hoofdstuk 13. Ik probeer eerst enkele fundamentele basisverzen te behandelen en dan ga ik vanavond verder met enkele praktische toepassingen, waarvan ik geloof dat ze je zullen helpen. Er zijn zóveel Schriftgedeelten over liefde dat ik het echt moeilijk vind er maar drie avonden voor te hebben, zónder enkele van deze dingen te noemen. Dus ik probeer er énkele in ieder geval te behandelen. 1 Korintiërs 13 wordt natuurlijk vaak het ‘liefdes’hoofdstuk genoemd. Weet je wat wij meestal doen, wij nemen deze Schriftgedeelten meestal en gebruiken ze om te bepalen wat ónze houding tegenover andere mensen zou moeten zijn. Maar nógmaals, als God jou gebiedt om zo te zijn ten opzichte van andere mensen, dan zou je mínstens van God zelf mogen verwachten dat Hij zich ten opzicht van jóu gedraagt zoals Hij jou gebiedt om te doen t.o.v. andere mensen. 

Vers 4: Gods soort liefde is: De liefde is geduldig en vol goedheid. Heb je je ooit echt gerealiseerd dat God vriendelijk is en vol goedheid? De meeste mensen zien God als hard en onbuigzaam. Echt íedere keer, als je de Bijbel doorleest, dat God zichzelf openbaarde door een engel is het állereerste dat die moet zeggen: ‘vrees niet’ Omdat gewoon iedereen denkt dat als God zich manifesteert en ze in de aanwezigheid van God zijn, ze zich smerig en onwaardig voelen, en onmiddellijk de wraak en de toorn van God vrezen. God moet vóortdurend mensen zeggen: ‘vrees niet’, ‘vrees niet’.

De engel verscheen aan Maria en zei: ‘De Heer is mét u, u bent zéér begenadigd’ En zij vroeg zich bij zichzelf af, wat deze begroeting te betekenen had. Als die engel bij binnenkomst had gezegd: ‘Jij onwaardig schepsel’ had ze onmiddellijk gezegd: ‘Oh, dit is God.’ Maar als hij iets góeds komt zeggen is gelijk de gedachte: ‘Oh, wat is dít nu eigenlijk?’ We zijn gewoon geprogrammeerd om het allerergste te verwachten. In dezelfde week dat God mij voor de allereerste keer liet zien dat ik gerechtvaardigd was en dat ik vergeven was en schoon, dat God volledig verliefd op me was en ik de hele week daar over mediteerde, zag ik het verstandelijk in, maar mijn emoties, mijn gevoelens konden daar niet mee in overeenstemming komen omdat ik mijn hele leven gedacht had, dat ik een armzalige worm was, en dat de genade van God slechts voorkwam dat ik volledig uitgeroeid was en dat God alle zeilen bij moest zetten om mij alleen maar te verdrágen. 

Ik dacht écht niet dat Hij van me hield en zeker niet dat Hij mij écht graag mocht. En ik kan me herinneren dat ik zó overweldigd was door de dingen die God mij liet zien, dat ik mijn tuin inliep en op het hek ging zitten. En ik had een hond, die ik aan mijn moeder had gegeven toen ik naar Vietnam ging. De naam van de hond was ‘Honey’ ¾ Duitse herder en ¼ chow. Ik had haar gekocht als waakhond. En ze zeg er vervaarlijk uit. Maar de waarheid was, dat ze met een ketting was geslagen en dat deze hond er gemeen uitzag en klonk, maar als hij binnen 2 – 3 meter van je kwam rolde hij zich op de grond en begon te janken en naar je toe te schuiven. Íedere keer. Die hond had ik al zeven of acht jaar, maar iedere keer als ie naar me toe kwam rolde hij op de grond en begon zo te janken. En dat vond ik nooit leuk, omdat mensen konden denken dat ík degene was die die hond had geslagen. En ik moest het altijd weer aan mensen uitleggen. Ik had die hond nog nooit van mijn leven geslagen. 

Maar in ieder geval, hier zat ik te mediteren over hoeveel God wel van mij hield en probeerde het te pakken te krijgen. Maar ik bleef maar zeggen: ‘God ik kan toch niet vrijmóedig voor Úw Troon van Genade komen? Ik bleef het God maar zeggen. En ik dacht steeds maar, als ík niet al mijn zonden benoem, dan zal Gód het wel doen. En ik moest ze altijd heel snel opnoemen. Ik begon áltijd met God te vragen om me te vergeven voor álles dat ik maar kon bedenken, zodat Hij me niet zou wegvagen. In ieder geval, terwijl ik hierover aan het nadenken was, kwam deze hond op me af, rolde op zijn zij en begon te janken en normaal doe ik dit niet, maar nu verloor ik écht mijn geduld en voer ik uit tegen deze hond. Ik schreeuwde, nú voor één keer, ‘Honey’ en het is moeilijk boos worden op je hond als die ‘Honey’ heet. Dat was de kleur van die hond, daarom heette ze zo. Ik schreeuwde: ‘Voor één keer, Honey zou ik willen dat je eens naar mij toekwam als een normále hond en tegen me op springen en niet doen alsof ik je ga slaan en alsof ik vals en gemeen ben. Ik zou gewoon willen dat je eens gewoon tegen me aan springt.’ En terwijl ik dit allemaal zei, sprak de Heer tegen me: ‘Dat is nu precies zoals Ik ook over jou denk.’ ‘Ik zou ook wel eens een keer willen dat jij je gedraagt alsof Ik écht van je hou en je écht hebt verlost en bevrijd, in plaats van dat jij maar buigt en kruipt en blijft praten over hoe slecht je toch bent.’ God gaf me een beeld, het is net als een mug die zit op de rug van een olifant. Hij zei: ‘Wat jij doet is altijd maar weer praten over hoe klein en onbetekenend jij bent. Stop met praten over hoe klein jij bent en begin te praten over hoe groot de olifant is. Begin eens te praten over hoe geweldig Ik ben in plaats van over hoe zielig jíj bent.’ 

De meesten van ons doen het zo. Als wij voor de Heer komen, zijn wij geconditioneerd dat onze gebedstijd met de Heer gaat van: ‘Oh God, vergeef me toch’ en dan hebben we een tijd van berouw en bekering. Velen van jullie hebben pas het gevoel echt gebeden te hebben als je gehuild en gejankt en gerouwd hebt. En dan vraag je je nog af waarom je niet zo van bidden houdt. Je vraagt je nog af waarom je jezelf moet dwíngen om te bidden. Toen ik voor het eerst tot de Heer kwam, was ik bereid álles te doen wat er voor nodig was. En ik zette daarom mijn wekker op een tijd en begon te bidden. Eén uur, twee uur, drie uur en tenslotte vier uur. En ik dwong mijzelf en forceerde mezelf ertoe om op die manier te bidden. En tot op zekere hoogte was dat wel goed, omdat er een zekere discipline in zat. En natuurlijk zullen er op die manier enkele goede dingen gebeuren omdat je tijd doorbrengt in de aanwezigheid van God. Maar over het geheel genomen moest ik mijzelf dwíngen om te bidden. Het was niet écht leuk. En het kwam zover dat ik echt opzag tegen het moment dat het tijd werd om te bidden. Het kwam zover dat als ik om zeven uur zou beginnen met bidden,dat ik al om kwart voor zeven begon te denken: ‘Oh nee, daar komt die tijd weer, straks moet ik weer vier uur bidden’. En ik zei tegen de Heer: ‘Het spijt me dat ik er zo over denk, maar ik zie nu al op tegen die tijd van bidden.’ En de Heer zei: ‘Maak je maar geen zorgen, Ik begon er al om half zéven tegen op te zien!’.

Het is verbazingwekkend hoe snel we verstrikt raken in religieuze oefeningen en we gaan het dan doen, niet gemotiveerd vanuit liefde, maar uit plichtsgevoel en om God zover te krijgen dat Hij van ons kan houden. Er zijn heel velen van jullie die niet bidden uit liefde, omdat je van God houdt en het leuk vindt om tijd met Hem door te brengen. Nee, je bidt zodat God van jóu kan gaan houden en jou zal aanvaarden. Maar weet je, als je het doet vanwege welke andere motivatie ook dan Gods soort liefde, dan baat het je helemaal níets. Dat staat hier gewoon in 1 Korintiërs hoofdstuk 13. Als je bidt in tongen en je hebt de motivatie van liefde niet, dan is het gewoon schallend koper en rinkelende cimbalen. En ook al heb je ál het geloof, zodat je bergen kunt verplaatsen en je doet het niet gemotiveerd door Gods soort liefde, dan heb je er echt helemaal níets aan! Als jij het Woord bestudeert om op de een of andere manier grip op God te krijgen. God ik ga het Woord in en een úúr per dag studeren dus U moet me dan gaan zegenen, dan levert het je helemaal níets op. 

Sommigen denken nu: ‘Broeder…’. Zie je, onze nadruk heeft op handelingen, op daden gelegen. Daden zijn het allerbelangrijkste voor ons. Maar God zegt dat Hij naar het hart kijkt, niet naar de uiterlijke schijn. Het gaat God meer om jouw motieven en motivatie dan om jouw handelingen. Zeg ik je daarmee dat je níet moet bidden? Nee, dat zeg ik niet. Ik zeg: je moet bidden, gemotiveerd uit Gods soort liefde. Ik zeg helemaal niet dat je níet het Woord zou moeten bestuderen en níet naar de kerk zou moeten gaan. Nee, maar je zult het moeten doen vanuit de juiste motivatie, om de juiste resultaten te krijgen. Je motieven zijn echt belangrijker dan je daden. En als jij iets doet om God te bewegen van je te houden, dan ben je schallend koper en een rinkelende cimbaal. 

Ik had vroeger echt een Bijbelleesrooster, waarmee ik één of soms zelfs twee of driemaal de Bijbel doorlas. Afhankelijk van hoe snel ik ging. En als ik in een samenkomst als deze was... zo was ik onlangs in een samenkomst in Engeland en daar gingen we door tot 02:00 in de ochtend en ik moest om 04:00 al weer vertrekken in de auto om elders heen te gaan. En dan sliep ik onderweg in de auto. En op die manier bedienden we twee weken lang. Ik had dan gewoon geen tijd om die verzen te lezen. En als ik dan twee weken zo had gehad zonder te lezen, dan had ik honderd hoofdstukken in te halen om te lezen op één dag. En dan ging ik het ritueel door. Ik bad: ‘Heer, ik vraag U om tot mij te spreken als ik het Woord lees’, en dan begon ik te lezen en bij het tweede vers begon de Heer al iets tot me te zeggen. Dan kwamen er gedachten bij me op die ik nooit eerder heb gehad. En opeens legde ik de Bijbel weg en begon na te denken en de Heer begon dingen aan me te openbaren. En de Heer begon tot me te spreken. Maar vroeger gebeurde het me, dat ik nog honderd hoofdstukken moest lezen. En dan zei ik werkelijk: ‘oeps, ik moet nog honderd hoofdstukken lezen’ en dan wierp ik die gedachten weg en ging verder met lezen!’ En de Heer sprak tot me en zei: ‘Wat doe je nu?’ Ik zei: ‘Ik lees het Woord’. ‘Waarom?’ ‘Zodat U tot mij kunt spreken’ En dan werd het opeens heel stil. En ik dacht: ‘He, net was God nog aan het spreken met me, stoor me niet, want ik ben het Woord aan het lezen. Ik moet nog honderd hoofdstukken lezen. Ik heb nu geen tijd dat U tot me gaat spreken. Onderbreek mijn Bijbelstudie niet. Hoe haalt U het in Uw hoofd om nú tot me te gaan spreken.’ 

Dat ik me dit realiseerde veranderde mijn leven. En het was zo’n drie jaar geleden nu, dat ik een héél jaar heb besteed aan het bestuderen van Efeziërs 4: 17-23. Sommigen vinden dat verschrikkelijk. Maar ik heb een heel jaar alleen maar díe verzen bestudeerd. Ik bestudeerde wel andere verzen die er mee te maken hadden. Ik gebruikte kruisreferenties en dat soort dingen. Maar ik begon iedere keer met die verzen, die ik een heel jaar lang als enige bestudeerde. En dat veranderde mijn leven. Het was een van de productiefste jaren in het bestuderen van het Woord dat ik ooit heb gehad. En wat stelt het voor. Zeven of acht verzen die mijn leven compleet veranderen. Ik heb daar zes of zeven tape-series uit gehaald die de levens van duizenden mensen hebben gered door een jaar lang te mediteren en te studeren op zeven verzen. Dat veranderde mijn leven.

Ik ben gaan beseffen dat wij al deze religieuze dingen hebben die ons belemmeren om een relatie op te bouwen met God. Het liefhebben van God. Als God tot je spreekt op basis van het eerste woord van het eerste vers. Stóp dan en laat God tot je spreken. En als Hij een jaar lang tot je spreekt op basis van één vers, laat Hem dan tot je spreken. Daar gáát het uiteindelijk om. Het gaat helemaal niet om hoeveel je leest, dat jij kunt zeggen: ‘Ik heb de hele Bijbel in één jaar doorgelezen’. Contact maken met God dát is wat telt. Broeders en zusters, een heleboel van onze religieuze oefeningen behagen God helemaal niet. Ze dienen alleen maar voor onszelf, om ons ego te strelen. Je moet weer werkelijk en echt worden met God. 

Je ziet dat dit erover spreekt dat ál deze dingen gedaan moeten worden vanuit de motivatie van Gods soort liefde. En in het 13e vers zegt hij: Zo blijven dan: Geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde. Man, wat een uitspraak over Gods soort liefde. Geloof is heel belangrijk. Verne gaf onderwijs over geloof. Ik heb hem deze morgen horen onderwijzen over geloof. Dat is góed. Je moet s ochtends komen als je kunt en naar dit onderwijs over geloof luisteren. Geloof is geweldig. Zonder geloof is het onmogelijk om God te behagen. Maar zo krachtig en geweldig als geloof ook is, liefde is meer dan geloof. Geloof wérkt in feite alleen door liefde. Galaten 5:6. Hoop is ook een zéér grote kracht. Maar liefde is nog méér dan dat. Liefde is een ongelooflijk machtige kracht. En het is een triest gegeven dat de meesten van ons tekortschieten juist op dít terrein van het begrijpen van Gods soort liefde. 

Kijk eens naar Romeinen hoofdstuk 8. Vers 31: Wat zullen wij dan van deze dingen zeggen? Als God vóór ons is, wie zal tegen ons zijn? 32 Hoe zal Hij, die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard, maar voor ons allen overgegeven heeft, ons met Hem ook niet alle dingen schenken?
Als wij dát vers zouden snappen, als wij dát vers werkelijk zouden begrijpen. Het vat in feite heel veel van de dingen die ik in deze laatste paar samenkomsten heb gezegd samen. Als jíj werkelijk de liefde kon begrijpen die God voor je heeft. Hij stiérf voor jou toen jij nog een zondaar was. Je had God echt helemaal níets te bieden. God keek niet naar jou en dacht: ‘Ik kan niet zonder hen leven.’ Nee, God keek naar jou en dacht: ‘Zij kunnen niet zonder Mij leven.’ Hij gaf Zijn liefde aan jou, omdat jíj degene was die in nood zat. Niet Hij. God hield van jou. En als God zoveel van jou hield dat Hij zijn eigen Zoon voor je heeft gegeven, hoe kún je er maar aan twijfelen dat Hij ook maar iéts dat je in dit leven nodig hebt zou weerhouden? 

Nogmaals, je hebt er echt religie voor nodig om de dingen te verdraaien en mensen ervan te overtuigen dat God je alleen maar wilt redden van de hel. Hij stuurde Zijn Zoon om je te redden van de hel, maar Hij wil je niet redden van ziekte, niet van armoede, niet van depressie niet van ontmoediging. God wil al dat soort dingen om jou iets te leren. Dat is volkomen onredelijk. Het is zonder eníg verstand Het slaat werkelijk nérgens op. Het is onlogisch en je hebt er echt religie voor nodig om de dingen te verdraaien en de mensen laten geloven dat een liefdevolle God die voor je heeft willen sterven, zich opeens tegen je zou keren en jou met kanker treffen om je een lesje te leren. Dat is werkelijk volkomen onredelijk. 

Mensen, dit is een geweldige uitspraak hier. Hoe zal Hij, die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard, maar voor ons allen overgegeven heeft, ons met Hem ook niet alle dingen schenken? Stel je voor dat ik een van mijn eigen zonen voor jou zou opofferen. En ik zou zoveel van jou houden dat ik letterlijk één van mijn eigen zonen zou laten sterven in jóuw plaats. En jij zou naar mij toe komen: ‘Dank je voor de dood van jouw zoon. En ik weet dat je het gedaan zou hebben zodat ik gered kon worden, maar betekent dat ook dat je genoeg van me houdt om me te genezen? Of dat je me wilt zegenen of goed doen of iets anders?’ Dat zou in feite een belediging voor me zijn. Mens, het is zó’n enorm offer. Hoe kún er ook maar aan twijfelen dat ik ook maar íets aan je zou weerhouden. Als ik genoeg van je zou houden om één van mijn eigen zonen te geven? 

In feite is twijfel een belediging van God. Het is eigenlijk een laster tegenover God. Het is een verklaring, dat jij twijfelt aan de natuur en de aard en de bedoelingen van God. Jullie die met twijfel worstelen. Je kunt het van duizend verschillende kanten bekijken maar de kern is, dat het in feite een belediging van God is. Als ik tegen je zeg dat je mijn bijbel mag hebben, of ik zeg je dat je mijn auto mag gebruiken of wat dan ook en je komt daarna naar mij toe en zegt: ‘mag ik écht wel jouw auto gebruiken? Heb je dat echt wel gezegd?’ In feite is dat een uitspraak dat je niet echt gelooft wat ik gezegd heb. Het is een verklaring tégen mij. Het is geen uitspraak over jou, het is een uitspraak wat je werkelijk denkt over mij. Als wij twijfelen of God ons wil geven, is dat in feite een verklaring dat wij niet werkelijk het soort liefde dat Hij voor ons heeft, hebben begrepen. Wij hebben dan geen werkende ervaringskennis van de liefde van God. 

De liefde van God zal elke twijfel in jouw leven uitschakelen. Het zal je vullen met de volheid van God. Het gaat verder met zeggen: ‘Wie zal uitverkorenen Gods beschuldigen?’ Wederom is dit gebaseerd op het feit dat God van ons hóudt. Als God werkelijk van ons houdt, hoe kan ook maar íemand nog tegen ons zijn? Als God vóór ons is, hoe kan iemand ook maar met succes tegen ons opstaan? De almachtige God is vóór jou. Hoe zal ook maar íemand tegen je kunnen zijn? Als mensen jou verwerpen, jou pijn doen, jou aanvallen tot op het punt dat je depressief wordt en ontmoedigd en aan allerlei negatieve dingen gaat toegeven, dan komt dat omdat jij niet tot het werkelijk begrijpen bent gekomen dat God van je houdt. 

Toen ik, zoals ik je al verteld had, echt tot de Heer kwam, had ik een gewéldige ervaring van Gods soort liefde en het kostte me bijna álles. Mijn moeder wees me af. Meer dan twee weken lang wilde ze niet tegen me spreken. Niet omdat ze me haatte, maar omdat ze het niet begreep. Nu werkt ze voor me. En ze is een volkomen zegen voor ons. God heeft onze relatie helemaal hersteld en we hebben een bijzonder goede relatie. Maar mijn moeder wees me af. Ik werd uit mijn kerk gegooid. Ik werd geëxcommuniceerd uit de kerk waarin ik ben opgegroeid. Ik werd door iedereen die ik kende afgewezen op twee mensen na. Er waren twee vrienden die me overbleven, maar dat was het dan ook. Ik werd verder door iedereen afgewezen. Maar ik had zo iets van: ‘Wat kan het me ook schelen. Man, Gód houdt van me. Wie ben jij wel om me af te wijzen. God, de Heer der Heren en de Koning der Koningen houdt van míj! Wat doet jouw mening er nog verder toe?’ Het is een beetje overdreven, maar je begrijpt wat ik bedoel en wat ik probeer over te brengen. 

Weet je, toen ik in Vietnam was, had ik een geweldige tijd én een afschuwelijke tijd. Tegelijkertijd. Ik had die ervaring gehad, waarbij ik wíst dat God van mij hield. En daarom was ik zó verzonken in het feit dat God van mij hield, en daardoor was mijn denken zó op God gericht, dat ik letterlijk immuun was voor alle andere dingen om mij heen. Het was alsof ik me in een onzichtbare ballon bevond. Ik werd beschermd. In feite kwam jaren later hier in Chicago een man mij een boek geven over Vietnam, waarin de getuigenissen stonden van 12 verschillende Vietnam veteranen. Hij gaf mij dit boek met zijn handtekening. Zijn getuigenis stond er ook in. Hij vroeg mij of ik het wilde lezen. Omdat ik wist dat hij mij de volgende keer zou vragen of ik het gelezen had begon ik het boek te lezen. Ik las zíjn getuigenis het eerst. En dat was best interessant. Daarom las ik er nog een. En uiteindelijk heb ik het hele boek in een nacht uitgelezen. En hetgeen dat mij nogal trof was het volgende. Ik heb nooit enige nadelen ondervonden van mijn tijd in Vietnam. Ik heb nooit de problemen gehad die andere mensen hadden. In mijn leven is het een hele positieve ervaring geweest. Ik kwam 1000 keer beter uit Vietnam terug. Meer in liefde met de Heer. Ik was geestelijk enorm gegroeid, etc. En daarom had ik nooit zo’n klik met andere Vietnamveteranen die al die vreselijke dingen meemaakten. 

Maar toen ik dat boek las, was ik werkelijk geschokt, omdat het liet zien wat er was gebeurd vanuit het gezichtspunt van een ongelovige. En zij werden pas gered nádat ze uit Vietnam terug waren. En ik stond versteld omdat drie van de mensen in dat boek er in dezelfde periode waren als ik er was en twee daarvan in mijn eigen divisie. En bij één ervan was ik erbij geweest, waar hij over schreef. Ik was assistent van de aalmoezenier. Ik was daar samen met de aalmoezenier ingevlogen en de volgende dag werd die heuvel onder de voet gelopen. Op een gebied dat niet groter was dan dit auditorium sloegen bijna 105 mortiergranaten in. Binnen zes uur op een gebied van deze omvang. Je kon het mondingsvuur zien van de wapens die de heuvel opkwamen. En deze man schreef daar in dat boek over vanuit het gezichtspunt van een ongelovige. En hij beschreef de angst en de vrees die binnen in hem rondwaarde de geuren en al dat soort dingen. En twintig jaar nadat ik Vietnam was geweest las ik dat boek en toen pas overvielen mij angst en vrees. Het heeft me dagen gekost om het weg te bidden. En ik ervaarde wat ik eigenlijk in Vietnam had moeten ervaren. 

Maar toen ik daar was, ik kan je precies vertellen wat ik toen aan het denken was. Ik dacht: ‘God, als ik dood ga, weet ik waar ik heen ga, maar hoe moet het met die mensen daarbeneden? Man ik voelde de liefde en de bewogenheid van God door mij heen stromen. Ik was voor die kerels aan het bidden. Het was een geweldige ervaring. Ik was voor ze aan het bidden. Ik ervoer gewoon vreugde, liefde, vrede door me heen stromen en ik dacht zelfs niet eens hieraan terug. Ik heb er nooit met mijn moeder over gesproken toen ik terug was, nooit met mijn vrouw toen we getrouwd waren. Het was gewoon nooit een probleem voor me. Ik heb er nooit aan teruggedacht, totdat ik twintig jaar later dat boek erover las. Ik zat werkelijk onder een schild. De liefde van God schermde me gewoon van dingen af. 

Als jij overweldigd wordt door jouw problemen kan ik je één ding garanderen, je hebt niet echt een ervaringskennis van de liefde van God voor jou, anders zou het je totaal niets doen. Als je echt weet dat God van je houdt dan doet het er werkelijk niet toe waar je doorheen gaat. Ik geloof in genezing. Maar als je niet geneest, nou én? Sommige mensen kijken me nu aan: ‘Oh, broeder, dat is toch ondénkbaar? Zoiets mág je gewoon niet denken.’ Nou, is het werkelijk zo erg om te sterven en bij God te zijn? Omdat Paulus een openbaring had van Gods liefde zei dat hij vastgeklemd zat tussen deze twee keuzen. Hij wist gewoon niet wat hij moest kiezen. Ik neem aan dat vanwege jullie ik maar hier zal blijven. Ik zal blijven leven om jullie wil. 

Als je werkelijk verliefd op God wordt neemt dat echt een heleboel druk van je af. Als ze Paulus bedreigden: ‘Als jij niet stopt met het evangelie prediken, zullen we je doden’ En Paulus: ‘Glórie, Amén, Prijs God, breng me er vandáág maar heen’ Zo iemand kun je helemaal niet intimideren, want hij was allang dood aan zichzelf. Hij was zó enthousiast om bij de Heer te zijn. Hoe bedreig je iemand die dood is? Hoe vertel je zo iemand: stop met het evangelie prediken of we maken je dood. Bij sommigen van jullie als ze zeggen, stop het evangelie verkondigen op je werk of we ontslaan je, dan staan sommigen van jullie helemaal stijf van de spanning en de angst: ‘Wat gaat er nu met mij gebeuren’ dan komt dat omdat je niet werkelijk begrijpt hoeveel God van je houdt. 

De Bijbel zegt in Psalm 75: 7 Want het verhogen (promoveren) komt niet van oost of van west, noch uit de woestijn – 8 maar God is rechter, Hij vernedert deze en verhoogt gene.
God is jouw bron! Doe gewoon wat God je vraagt te doen en als ze je ontslaan, nou én? God heeft gewoon iets nog beters voor je. Zij zijn jouw bron niet! Onlangs heb ik met iemand gesproken, een boeddhist. Hij kwam in Ierland naar een bijeenkomst van mij en hij zei: ‘Ik zie ál die wonderen om me heen, maar ik kan geen christen worden. Mijn moeder zou mij onterven. Het zou haar hart breken. Mijn moeder is een zeer nauwgezette boeddhist. Hoe moet dat dan verder?’ 

Ik heb echt een hele poos met hem erover gesproken en hij zei maar: ‘Maar mijn moeder!’ En ik zei: ‘Jij laat jouw moeder je naar de hel sturen? Als je werkelijk van je moeder houdt moet je wederomgeboren worden en haar het evangelie vertellen. En hij kon het maar niet begrijpen. Later kwam hij weer terug naar mij en zei: ‘Wil je voor me bidden, ik heb een ziekte’ En ik zei: ‘Ok, ik zal voor je bidden, alleen maar om je te laten zien dat God werkelijkheid is.’ En er was iets met hem waardoor hij zijn arm niet kon bewegen. Zijn schouder was beschadigd of zoiets. En ik bad voor hem en hij werd ogenblikkelijk genezen en begon te huilen. Hij wist dat God werkelijkheid was en ik zei tegen hem: ‘Zou je nu werkelijk wederomgeboren willen worden?’ En hij zei: ‘Mijn moeder zou dit nooit kunnen begrijpen.’ En terwijl ik daar was is hij nooit wederomgeboren geworden, omdat hij meer bezorgd was, hij dacht meer aan andere mensen en dat soort dingen. Ik kan je garanderen dat als je eenmaal de liefde van God ervaart dat je op een punt komt waar helemaal niets en niemand tegenop kan. Dat is geweldig.

In vers 34 zegt hij: wie zal veroordelen? De meeste Christenen denken dan: ‘Nou, God natuurlijk!’ ‘God is degene die mij zal oordelen, die mij duidelijk zal maken wat een ellendig schepsel ik toch ben.’ Nee, God is niet degene die je zal veroordelen. Want in Romeinen 8 vers 1 staat: ‘Zo is er dan nu geen veroordeling voor hen, die in Christus Jezus zijn. God zal je nóóit veroordelen. Er staat hier in Jesaja hoofdstuk 54 waar gesproken wordt over het nieuwe verbond waaronder wij nu zijn: ‘9 Dit is Mij als in de dagen van Noach: zoals Ik gezworen heb, dat de wateren van Noach niet meer over de aarde zouden komen, zo heb Ik gezworen, dat Ik niet meer toornig op u zal zijn noch u zal dreigen. 10 Want bergen mogen wijken en heuvelen wankelen, maar mijn goedertierenheid zal van u niet wijken en mijn vredesverbond zal niet wankelen, zegt uw Ontfermer, de HERE.

God heeft dus bij zichzelf gezworen dat Hij nóóit meer toornig of boos op jou zal zijn en je óók niet zal dreigen. God zal nóóit óóit boos op je zijn. God zal je niet dreigen en niet bedreigen. God zal je wel overtuigen van je zonden. Als je mijn onderwijs gisteravond hebt gemist zorg dat je dat te pakken krijg. Maar God doet het allemaal om je op te bouwen en te bemoedigen. Het is nóóit straf, áltijd opbouw en bemoediging. Iedere keer als jij de boosheid en het ongenoegen van God voelt of ervaart, dan voel en ervaar je NIET God. Dat is jóuw denken, of de duivel die zichzelf vermomd heeft en zich als de stem van de Heer aan je voordoet. Maar God zal nóóit boos op je zijn en je nooit bestraffen of bedreigen. 

Sommigen van jullie denken nu, broeder, dat kan ik nooit of te nimmer geloven. Als ik dat zou geloven, dat God nooit boos op me zou zijn of me nooit zou bestraffen, dan zou ik in zonde gaan leven. Nou, dan moet je óf wederomgeboren worden en een ander hart krijgen óf je moet dat rottige soort denken onder de wet uit komen. De wet wekt namelijk begeerte in je op om te zondigen. Ik heb een tape serie getiteld ‘De ware natuur van God’ om díe uit te leggen. 

God is niet degene die ons veroordeelt. Romeinen 8: 34 wie zal veroordelen? Christus Jezus is de gestorvene, wat meer is, de opgewekte, die ter rechterhand Gods is, die ook voor ons pleit. 35 Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking of benauwdheid, of vervolging of honger, of naaktheid, of gevaar, of het zwaard?
Dat is het waar ik het over heb. Wat zal ons scheiden van de liefde van God? Het zwaard? Ik heb midden in een oorlog gezeten. Er is gericht op me geschoten. Ik had al tig keer dood moeten zijn. Maar het heeft mij nooit kunnen scheiden van de liefde van God. Man, ik leefde in liefde waar mensen op me schoten en mortieren op mij afvuurden. De meesten van ons stellen grenzen aan dingen. Wij zeggen, oh ja, ik geloof dat ik de liefde van God zou moeten ervaren. MAAR, dat gaat maar tot op zekere hoogte, want als je midden in een oorlog zit, als iemand probeert je te vermoorden dan kun je toch zeker geen vreugde en vrede ervaren? O nee? Wie heeft dat gezegd? Ik kende vreugde en vrede op het moment dat mensen probeerden mij te vermoorden. 

Broeder, als je een echtscheiding meemaakt kun je geen vreugde en vrede hebben! Wie zegt dat? Ik heb je dat zondagavond al verteld. Als er niets anders is, zou je je nog moeten kunnen verheugen. God zal nooit of te nimmer van je scheiden, zelfs al verdien je het voor de volle 100%. Je kunt vergelijken en zeggen: Prijs de Heer, Ú bent tenminste trouw’. Het maakt niet uit of je door allerlei financiële problemen heen gaat. De Bijbel zegt dat in het huis des Vaders vele woningen (van het grote ruime soort) zijn. Hij is bezig een kapitale villa voor je te bereiden! Als jij op aarde geen voorspoed ervaart, denk aan de hemel en prijs de Heer, dáár zul je voorspoed kennen. 

Je kunt je onder álle omstandigheden verheugen. Je moet de beperkingen daar af halen als hier staat wát zal ons kunnen scheiden van de liefde van Christus? En wij zeggen: ‘O ja, dat geloof ik ook, zolang ik maar geen problemen heb.’ Het spreekt er hier over dat juist temidden van problemen níets ons kan scheiden van de liefde van God. Zoals verder in vers 36 wordt beschreven. Rom 8: 36 Gelijk geschreven staat: Om Uwentwil worden wij de ganse dag gedood, wij zijn gerekend als slachtschapen. 37 Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem, die ons heeft liefgehad. 38 Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven, noch engelen noch machten, noch heden noch toekomst, noch krachten, 39 noch hoogte noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Here. 

Man, dit zijn echt gewéldige uitspraken. En had ik vanavond tijd gehad dan zouden we maar dóór en door kunnen gaan spreken over de liefde van God en wat dat bewerkt in jouw leven. Broeders en zusters, de liefde van God is de sleutel tot alle volheid van God. Als jij niet in geloof staat, maar in ongeloof, geloof werkt dóór liefde, Galaten 5:6. Dan heb je een openbaring nodig van Gods soort liefde. Als jij afwijzing en verwerping hebt ervaren, Gods liefde is het tegengif voor afwijzing. En het zal wat dan ook maar overwinnen. Liefde is de remedie voor alles wat je maar scheelt. Wát er maar met je mis is, Gods liefde is het antwoord. Het is het antwoord in íeder opzicht en in álle situaties. 

Helemaal niets kan je scheiden van de liefde van God. En nu zijn er sommigen van jullie die zeggen: ‘Ok, ik snap het, hóe kan ik deze liefde van God ervaren?’ En hier wil ik je echt heel praktische dingen aanreiken. Dit gaat zó eenvoudig zijn. Dit zal zo praktisch zijn, dat de meesten van jullie het niet leuk vinden! Maar als je gewoon begint en er eenmaal een punt van maakt en het belang begrijpt om de liefde van God te ervaren, dan is de ogenblikkelijke vraag die opkomt: ‘Nu ik het geloof, hóe ervaar ik Gods soort liefde’ Hoe krijg ik zo’n ervaring als waar jij over gesproken hebt, dat je vier en een halve maand gewoon overweldigd bent met een gevoel en emoties dat God van je houdt! Hóe komt dat tot stand? 

Ik heb een jaar in Streetford gediend en daar ontmoette ik een vrouw. Ik noem dit maar terloops even over die ervaring die ik 23 maart 1968 had meegemaakt. En de volgende dag ging ik naar haar toe om voor haar moeder te bidden. En dit was echt wel een knappe vrouw, maar toen ik daar heenging zag ze er echt vreselijk uit. Wallen onder haar ogen, haar in de war, mascara doorgelopen. Ze zag eruit alsof ze de hele nacht op was geweest. In ieder geval ik keek naar haar en zei: ‘Judy, wat is er met jou gebeurd, je ziet er vreselijk uit’. En zij zei: ‘Ik ben de hele nacht opgebleven. Ik had gezegd dat als God jóu die ervaring had gegeven, dat Hij het ook aan mij zou geven. Daarom ben ik de hele nacht opgebleven en ik was vastbesloten niet te gaan slapen totdat God mij zo zou hebben liefgehad en ik die eraring zou hebben. En zij greep mij vast en eiste: ‘Zeg me hóe God die liefde aan jou gemanifesteerd heeft’. En ik kon wel zien dat ze niet bepaald ‘verliefd’ was. Amen? 

Zij wilde weten hóe je een openbaring kreeg van de liefde van God, hóe krijg je zo’n ervaring. En weet je wat ik haar zei? Ik zou helemaal níemand zó’n ervaring gunnen! Het zou je volkomen ten gronde richten. Dat schokte haar totaal. Ze zei: ‘Wat?’ Weet je dat de ervaring die ik had heel ongebruikelijk is. De grote meerderheid van de mensen maakt dat niet mee. En dat is voor de meesten van jullie ook helemaal niet Gods bedoeling voor jullie. God wil helemaal niet dat de meesten van jullie zo’n ervaring hebben. En ik snap dat dit voor sommige mensen een enorme teleurstelling betekent. 

Maar weet je, ik heb heel wat getuigenissen gelezen en heel veel mensen gesproken en de overgrote meerderheid van de mensen die een echte overweldigende emotionele ervaring hebben gehad zijn daardoor verpest. En ook ik ging er bijna aan onderdoor. Want ik was vier en een halve maand helemaal verzonken in de aanwezigheid van God, en dat was een fantastische ervaring. Maar weet je, ik kende het Woord helemaal niet. Ik had alleen maar deze emotionele ervaring en die ging gewoon voorbij. En het zal altíjd voorbijgaan. Wist je dat God helemaal niet wil dat je op dat niveau leeft? 

Ik weet dat dit voor sommigen van jullie nu helemaal tegen je denken ingaat. Omdat dit nu precies is waar je naar verlangt. Je verlangt naar een soort Utopia, waar je binnen gaat en voortdurend Gods soort liefde vóelt. God wil helemaal niet dat je op dat niveau leeft. Als jij werkelijk God door het Woord leert kennen, dan is God een nederige God. God is een subtiele God. Hij wil dat mensen hem aanvaarden door gelóóf. Wij waren vanmiddag tijdens de lunch bij mensen op bezoek. En we spraken mensen dat zijn degenen die ook nooit maar eens een profetie lijken te krijgen. Gisteravond kwam nog een vrouw met me praten en ik zei tegen haar: ‘Je moet gewoon het Woord geloven en doorgaan’ en zij was echt gekrenkt en zei: ‘Je hebt nét wél geprofeteerd over de vrouw vóór mij, en dat gebeurt mij nu echt áltijd. Niemand heeft ooit maar een profetie voor mij. Wat is er fout!’ Zij was gekrenkt. Ze zei: ‘Ik ben speciaal gekomen om een Woord te ontvangen.’ 

Maar weet je dat God echt niet wil dat je op deze manier gaat leven. Ik ben ook een van degenen die als ik naar een samenkomst ga, ik krijg nóóit een Woord. Ze profeteren echt over iedereen in de hele rij, behálve over mij. Mij slaan ze iedere keer over. Ik bedoel, het gebeurt echt heel zelden dat iemand een profetie voor mij krijgt. En vroeger zat me dat echt dwars. Ik heb een tape met de titel ‘John de Baptist doubt’. Die moet je echt te pakken krijgen. Dat zal echt je leven veranderen. Het is een krachtig onderwijs. Maar God heeft gezegd dat er een grotere zegen, een grotere zalving is op de persoon die gewoon het Woord gelooft zónder fysieke of zichtbare manifestaties. Weet je dat de mensen van wie God het meeste houdt, van wie Hij denkt dat zij werkelijk tot het Woord zullen komen, dat God het op de moeilijke manier tot je laat komen? Omdat geloof Hem veel meer behaagt. 

Als God zou willen zou Hij zijn naam kunnen schrijven op iedere wolk die langsdrijft. Hij kan iedere hond die langskomt laten blaffen: ‘Jezus is Heer’ en jou precies laten vertellen wat je moet doen. God kan zich aan jou manifesteren op zó’n manier dat ik je kan garanderen dat er geen greintje geloof voor nodig is. Maar God doet dat gewoon niet zo. Toen Jezus uit de dood opstond, besef je dat Hij zich alleen maar heeft laten zien aan mensen die al Christen waren? Mensen die al gelovigen waren. Er bestaat niet één verslag dat Hij is verschenen aan een ongelovige. 
Zo zou ík het niet hebben gedaan. Als ík het zou hebben gedaan, zou ik als allereerste aan Pilatus zijn verschenen. Ik zou hem hebben wakker gemaakt. Ik zou aan zijn bed geschud hebben: ‘Hé Pilatus, zijn je handen onderhand schoon?’ Of ik was naar een van die soldaten gedaan die mij hadden geblinddoekt en gezegd hebben: ‘Als jij de Christus bent, profeteer dan wie je geslagen heeft’. Ik zou naar hén toegegaan zijn en gezegd hebben; ‘én wil je nog eens wat van mij horen?’

Man, Jezus zou het hele Romeinse rijk op dát moment hun knieën hebben laten buigen en de hele wereld bekeerd hebben. Zo zouden de meesten van ons het aangepakt hebben. Wij zouden ons hebben gemanifesteerd aan juist die personen die ons hadden gekruisigd. Wij zouden voor ze opgedoken zijn en gezegd hebben: ‘Ik ben uit de dood opgestaan, geloof je nú?’ Dat is het soort denken dat wij hebben. 

Jezus is niet één keer aan een ongelovige verschenen. Omdat daar helemaal geen geloof voor nodig zou zijn geweest. Ze hadden wel móeten geloven, maar hun hart zou niet veranderd zijn, het zou niet uit vrije keuze zijn geweest. Zonder geloof is het onmogelijk om God te behagen. Hebreeën 11:6. Want God wil helemaal niet dat je leeft op een manier waarop er geen geloof nodig is. God is een God van geloof. God houdt van geloof. God wil graag dat mensen door geloof op Hem reageren. 

Wil dat zeggen dat Hij je geen enkel fysiek bewijs zal geven? Nee! Hij wil dat voldoende doen om jou een basis te geven voor je geloof. Bijna iedereen hier aanwezig kan wel wijzen op iets waar je gewoon gezíen hebt dat de kracht van God manifesteerde of dat het je verstandelijk tevredenstelde. God heeft je ook een verstand gegeven. Hij wil niet dat je verstandeloos en hersenloos gelooft. Maar uiteindelijk draait het allemaal om geloof. Hij zal je genoeg geven om te geloven, maar ik kan je garanderen dat God geen zin heeft om Zichzelf steeds weer te bewíjzen tot op het niveau dat er helemaal geen geloof voor nodig is. 

Toen ik in Charlotte diende, genas een vrouw die verlamd was. Zij had van die dingen aan haar voeten. Zij was presbyteriaan, tegen haar wil erheen gesleept. God riep haar naar voren, en zij werd genezen. Zij nam die dingen af en begon te lopen. Het is nu vijf à zes jaar geleden en zij is nog steeds volkomen genezen. En in ieder geval was het zó wonderbaarlijk dat daar een man was die een zoon had die zó ontevreden was geworden dat hij niet meer geloofde. Ooit had hij geloofd en ging naar de kerk, maar hij was afgedwaald en wist niet eens meer zeker of God wel bestond. En deze man ging naar huis en vertelde het hele verhaal aan zijn zoon. En die zoon was zo enthousiast dat hij tegen hem zei: ‘Als jij die man hierheen kunt halen en hij bidt en ik zie een wonder gebeuren, dan ga ik geloven.’ En mijn eerste reactie was ‘Ok, vooruit met de geit, ik ga bidden voor deze knul en we zullen het bewijzen.’ Maar terwijl ik dat zei sprak de Heer tot mij over de rijke man die naar de hel ging en die zei: stuur iemand, stuur Lazarus terug naar mijn broers’. En hij zei: ‘Ze hebben Mozes en de profeten laat ze daar naar luisteren.’ Maar zei hij: ‘Ze geloven niet wat in het Woord staat, maar als iemand uit de dood opstaat dan zullen ze geloven.’ Hij zei: ‘Als ze Mozes en de profeten niet geloven, dan zullen ze ook niet geloven als iemand uit de dood opstaat.’ En daarom zei ik tegen die man, ik ga dus niet daarheen iets proberen te doen, waarvan ik niet geloof dat God het wel wil. Die jongen kan naar de samenkomst komen en luisteren naar het Woord als hij wil. Maar ik ga er niet heen en God ‘bewijzen’. Als hij van God wil weglopen moet hij dat zelf weten. 
Weet je dat God zo is. God is nederig. Hij had in een paleis geboren kunnen worden. Hij had met een spaceshuttle kunnen landen. Hij is almachtig genoeg. Hij had een spaceshuttle kunnen bouwen of iets nog veel grootser en indrukwekkender dan dat. Maar in plaats daarvan kwam hij en werd geboren uit heel nederige ouders. 

Weet je dat er geloof nodig was voor Maria, dat het echt waar was wat er gebeurd was? Het was natuurlijk, maar ook bovennatuurlijk. Er was geloof voor nodig om dat te zien. Er was geloof nodig om te geloven dat Jezus God was, omdat Hij zo fysiek was. Hij was menselijk. Hij had echt geen aureooltje om zijn hoofd. Er was echt geloof nodig. Maar de meeste mensen van tegenwoordig proberen iets te bereiken dat búiten het bereik van geloof ligt. Zij beginnen met een bediening of een geloofsonderneming en dan doen ze echt alles wat ze maar kunnen om búiten het functioneren in geloof te komen. In plaats van dat ze op God wachten om bovennatuurlijk in hun behoeften te voorzien willen ze graag dat iemand ze een miljoen dollar geeft, zodat ze nooit meer opnieuw hoeven te geloven. 

Maar zo wil God het gewoon helemaal niet doen. Dat weet ik gewoon omdat Hij mij dat gezegd heeft. God wil dat ik zo leef dat ik iedere maand geloof nodig heb zónder dat ik vijf jaar inkomen ergens achter de hand heb, zodat ik God niet hoef te geloven. God verlángt ernaar dat wij in geloof wandelen. God kan de dingen best wel anders doen, maar Hij verlángt naar geloof. En het punt dat ik wil maken is, dat God je geen relatie wil geven, waar je zó overdonderd bent door emoties, dat er geen geloof voor nodig is. 

Ik ben zelf een voorbeeld van iemand die zó’n ervaring heeft gehad en ik zie helemaal geen reden waarom het speciaal mij is overkomen. Ik weet niet waarom het gebeurd is, en ook niet waarom het weer weggegaan is. Maar ik geloof werkelijk dat God niet wilde dat ik voor eeuwig in die wolk zou leven. Sommige mensen voelen zoiets een week lang. Ik vier en een halve maand. Maar weet je wat gebeurde toe het wegging? Totale paniek overviel me. Ik ervoer nog steeds Gods soort liefde toen ik naar Vietnam ging, maar tegelijkertijd kreeg ik ook paniek en ontevredenheid. Niet ontevredenheid over God of iets in het natuurlijke, maar als je een keer zoiets hebt geproefd, hoe kom je dan weer terug naar de normale werkelijkheid? Ik kon dat gewoon niet. En ik heb 13 maanden in Vietnam doorgebracht en God gevraagd me te doden. Niet omdat ik me ellendig voelde over iets fysieks, maar omdat ik het niet kon verdragen weer ‘normaal’ te zijn en niet die overweldigende aanwezigheid van God te ervaren. Ik heb God 13 maanden lang gevraagd me te doden. Ik heb echt enorm veel depressie en ontmoediging ervaren tussen de momenten dat ik wist dat God van me hield. 

En tenslotte, uit wanhoop na 13 maanden kwam mijn bliksemsnelle verstand erachter dat het niet ging gebeuren. En uit wanhoop moest ik wel íets doen, en ik begon de Bijbel te lezen. En ik vond het helemaal niet leuk. Het was niet fijn. Ik dwong mezelf het te doen omdat het de keuze was, óf het Woord lezen, óf meegezogen worden in al die zonde die daar aanwezig was. En daarom begon ik 16 uur per dag het Woord te lezen. Ik vond het niet fijn en moest mezelf dwíngen te lezen. Maar terwijl ik het begon te lezen, begon het Woord me een aantal dingen te leren en begon het Woord mijn houding te veranderen en begon ik te voelen. Niet deze extatische vreugde en blijdschap van de Heer, maar gewoon een vrede en een zekerheid die ik tevoren nooit had. Dat begon mij te overmeesteren en in de plaats te komen van alleen maar emoties. En weet je, dat is me nu veel en veel dierbaarder geworden. Ik zou de kennis, de openbaring van Gods liefde die ik nu heb niet willen ruilen voor één seconde van de emotie die ik toen had. Wat ik nu heb is oneindig waardevoller. 

De meeste mensen, als je spreekt over de liefde van God en laat zien dat het een ervaringskennis is, vragen: ‘Hoe kan ík dit ervaren’ En wat zij dan bedoelen is: ‘Hoe vóel ik het’?’ Maar broeders en zusters, dat is de verkeerde vraag. En ik weet dat bij sommigen van jullie je hersens helemaal beginnen over te koken als ik dit stel. Want voor sommige mensen is gevoel, voelen gewoon álles. Gevoel, emoties is de god van onze generatie geworden. De meesten van jullie denken dat je de waarheid of de waarde van wat dan ook kunt vaststellen door voelen. Als ik geen liefde voel voor deze persoon, dan is het gewoon weg. Wat kan ík daar nog aan doen? Maar liefde is geen gevoel. Als jij niet de liefde van God voelt heeft dat helemaal nul komma niks te maken met het feit dat God van je houdt. Het heeft helemaal niets met Gods liefde te maken. Jouw gevoelens zijn voor helemaal nergens en niks een betrouwbare maatstaf. 

Laat ik iets met jullie delen. Dit kan je leven veranderen als je dit snapt. Jouw gevoelens zijn alleen maar symptomen, uitingen van de manier waarop jij denkt. Jouw gevoelens volgen je gedachteleven onmiddellijk. Nogmaals, ik heb een driedelige tapeserie over emoties. ‘Harnessing your emotions’ Dat gaat hier meer in detail op in en legt het allemaal uit. Maar weet je, je emoties zijn niet gebaseerd op de realiteit. Je emoties zijn gebaseerd op indrukken, hoe je de dingen ziet, op de manier waarop je dingen ziet. 

Stel dat ik vanavond op jou af zou komen en tegen je zou liegen, en er zou geen greintje waarheid zitten in wat ik zou zeggen. En ik zou zeggen, je man of je vrouw of je kind of je vader of moeder is net overleden bij een verkeersongeval, ze zijn dood. Het spijt me. Als het een keiharde leugen zou zijn en er ligt geen énkel feit aan ten grondslag, geen enkele basis voor realiteit, dan zou je emoties ervaren op basis van hoe jíj denkt. Niet gebaseerd op realiteit, maar volkomen op basis van jouw denken. Als jij het zou geloven, zou je pijn en verdriet ervaren. Rouw, soms zelfs verbittering naar God. Mensen die zelfzuchtig zijn en niet denken aan anderen zouden denken: ‘Hoe moet het nu verder met mij, wat gaat er met mij gebeuren, ik ben niet verzekerd. Hoe overleef ík dit.’ Jouw reactie zou zijn gebaseerd op jouw denken. 

Als je zou weten dat ik tegen je stond te liegen, zou je boosheid ten opzichte van mij ervaren, dat ik zoiets met je zou uithalen. Je emoties zijn 100% gebaseerd op de manier waarop jij denkt. Niet op realiteit. De realiteit is, en ik heb hier honderden Schriftgedeelten over gedeeld de afgelopen avonden, dat niets jou kan scheiden van de liefde van God. God houdt van je onafhankelijk van hoe jij bent. Hij hield van je toen je een zondaar was, en nu je wederomgeboren bent houdt Hij nog meer van je. Hij heeft dat aangetoond door de dood van Zijn Zoon. Hij bewijst dat in Zijn genade en goedheid ten opzichte van jou. Er staat geschreven dat níets jou kan scheiden van de liefde van God. Gods liefde is niet afhankelijk van jouw daden. Je hebt bewijs na bewijs gehad dat God áltijd van je houdt, ongeacht hoe goed of hoe slecht je bent. Gods liefde is een keuze die Hij heeft gemaakt en het énige dat jou emoties op en neer en heen en weer doet slingeren is jóu waarneming, inschatting of opvatting daarvan. Gods liefde verandert nóóit. Het is helemaal geen kwestie van ‘oh God, ik moet uw liefde vóelen.’ Het is helemaal geen kwestie van voelen. 

Als jij de waarheid aanneemt en begint te mediteren over de waarheid. Je denkt dag en nacht aan het feit dat de almachtige God van je houdt, en je begint dat kleine kersenpitdenken van je te vernieuwen en zegt het dat er dingen waar zijn búiten jouw gevoelen om. Het interesseert je niet hoe je je vóelt, Gods Woord is waar los daarvan. De almachtige God houdt van je en je mediteert op het Woord en voordat je beseft wat er gebeurt, zullen je emoties gaan veranderen. En je moet dit ook niet ‘net zo lang doen’ totdat je emoties veranderen: ‘Oh, nú heb ik waar ik op uit was, nu ken ik de liefde van God’ en dus laat je het Woord weer schieten. Nee, als je dát doet was je hart niet puur, je motief was niet zuiver vanaf het begin. 

Je moet op het punt komen van ‘God, het maakt écht niet uit hoe of wat ik voel, het is een féit. Het is een voldongen feit. God houdt van me. En God houdt van me ongeacht wat ik heb gedaan of wat ik ook maar ga doen. De almachtige God houdt van me. Niets zal me er ooit van kunnen scheiden. Niemand zal me van het tegendeel kunnen overtuigen. Het doet er niet toe wat mij hormonen zeggen, het doet er niet toe wat wie dan ook maar zegt. God houdt van me, en dat geloof ik en daar blijf ik bij.’ En als je dát dag en nacht bedenkt, voor je het maar beseft zul jíj liefde, vreugde en vrede ervaren en de vrucht van de Geest. Dat zijn bijverschijnselen van jouw denken. 

Maar als jouw denken verpest is, als jij alsmaar aan het denken bent aan je problemen, dan zul je ook je problemen hebben. Dan kijk je maar naar al het negatieve denken in je leven en daar blijf je maar aan denken. Het leven is deprimerend zonder de Heer. Leven is een dodelijke ervaring zonder God. Op een dag overlijden we er allemaal aan. Ieder van ons maakt negatieve dingen mee in zijn leven en als jij alleen maar naar de wereld wilt kijken en luisteren en naar al het slechte nieuws, als jij daarover denkt en luistert naar de mensen die over de slechte economische situatie spreken en de slechte marktsituatie rond Chicago en dergelijke, dan zal dat jouw geloof en jouw emoties beïnvloeden. Jouw emoties stemmen overeen met waar jij aan denkt. Als je meestal aan deprimerende dingen denkt, zul je depressief zijn. Maar weet je, als je begint te denken aan dat God van je houdt, en daarover mediteert, zegt Romeinen hoofdstuk 8 vers 6: ‘6 Want de gezindheid van het vlees is de dood, maar de gezindheid van de Geest is leven en vrede.’ 
Je denken zal vrede kennen, als je denken gericht blijft op het Woord van God. Jesaja 26:3 zegt dat de Heer in volkomen vrede bewaart wiens denken op Hem gericht blijft, omdat hij op Hem vertrouwt. 

Wij willen allemaal wel graag volkomen vrede, maar wij willen dat zónder dat ons denken op Hem gericht blijft. Wij blijven lekker zitten TV kijken. We kijken naar haat, x-rated, r-rated materiaal, moord en doodslag, overspel en spelen. Series die ruzie en jalousie en gescheld en geschreeuw verheerlijken. Wij kijken naar al het negatieve nieuws, alle slechte economische informatie en doen maar alles om onszelf met rommel te vullen en vragen ons nog af waarom we geen vrede kennen. Ik heb er toch voor gebeden? Vrede, genade en vrede worden u vermenigvuldigd door de KENNIS van Hem die u geroepen heeft tot heerlijkheid en deugd. 2 Petrus 1:2 Vrede is gekoppeld aan wat jij denkt. Jouw emoties zijn direct gekoppeld aan waaraan jij je denken overgeeft. Als jij niet de liefde van God ervaart dan komt dat niet omdat God niet van jou zou houden. Nee, omdat jouw denken er niet op is gericht. Omdat jíj letterlijk je denken gericht hebt op de verkeerde dingen. 

Zijn emoties dan iets dat je volkomen negeert? Nee, ik negeer mijn emoties helemaal niet. Als ik depressief wordt, als opeens depressie over me valt dan zeg ik onmiddellijk: ‘God er is iets verkeerds want ik wéét dat U van mij houdt. Ik wéét dat de vrucht van de Geest liefde is, vreugde, vrede, lankmoedigheid vriendelijkheid, goedheid, zelfbeheersing etc. Galaten 5:22. Ik wéét dit Vader, ik weet dat dit er áltijd is en nóóit weggaat.’ Je hebt áltijd liefde, altijd vreugde in je hart, dat verandert helemaal niet. Daarom zeg ik: ‘God, ik voel iets dat in tegenspraak is met wat Uw Woord zegt, dus ik denk iets dat in tegenspraak is met wat Uw woord zegt. Ik mediteer over iets, ik maak me zorgen over iets, dat ik niet zou moeten doen.’ Dus wat ik dan doe als ik iets negatiefs voel, dan ga ik terug naar het Woord, omdat ik niet van negatieve gevoelens en emoties houd.
Het zou er niet voor zorgen dat ik ga denken: ‘Ik voel niet dat God van me houdt, ik denk dat God niet langer van mij houdt.’ Mijn gevoelens zijn niet de waarheid. Ze zijn een indicator, een aanwijzing van mijn manier van denken, maar geen indicator of aanwijzing van de waarheid, of van de realiteit. De waarheid is dat velen van jullie de liefde en het behagen van God niet voelen. Dus hoe los je dit op? Jezelf vertellen dat je het fout hebt! Wat ik voel is fout! De waarheid is dat God wel degelijk van mij houdt en je moet beginnen de liefde van God aan jezelf te bedienen. En plak deze stickers overal. Daarom produceer ik ze. Plak ze op een spiegel of zo iets en herinner jezelf er elke dag aan. God houdt van me. Je zegt dan helemaal niets dat tegen Gods Woord ingaat. Je bedient jezelf. Je denkt eraan. Sluit je af voor dingen die je rottigheid aanpraten. Sluit de ingangen die satan tot je leven heeft af en ga alleen nog aan het Woord van God denken. En als alles wat je denkt geestelijk gezind is, dan is alles wat je zult hebben: ‘leven en vrede’.

Dit is zó eenvoudig dat je iemand nodig hebt om je te helpen het verkeerd te begrijpen! Het is echt heel eenvoudig. Maar ik kan je garanderen dat het ingaat tegen de manier waarop de meeste mensen denken. De meeste mensen denken dat emoties of zoiets de locomotief is, de motor van de trein. Maar emoties zijn de wagon. Het geeft je alleen maar aan wat al de andere dingen aan het doen zijn. Het is gewoon een metertje, het is het staartstuk. Het is niet de drijvende kracht. Als jij depressief bent, heb je zitten denken aan deprimerende dingen. Je kunt gewoon niet gezegend, voorspoedig en vredig zijn terwijl je zit te denken aan deprimerende dingen. En van de andere kant kun je niet depressief en ontmoedigd zijn terwijl je je denken op Gods Woord gericht houdt. Satan zal eerst je gedachten daar vanaf moeten trekken. Het tegengif is dus niet: ‘Hoe kan ik dit vóelen, kun je bidden dat ik dit ga vóelen.’ Nee, de manier om hierop te reageren is te zeggen: ‘Wat je hier gezegd hebt is de waarheid. Dit is Bijbels en vanaf nu ben ik vastbesloten niet meer te twijfelen of God van me houdt!’ Ik ga geloven wat Gods Woord zegt en ik ga mijn gevoelens en emoties veranderen. Ik ga mijn emoties in de pas laten lopen. 

Ik heb eens gebeden voor een vrouw. Het was in een baptistenkerk. Ik had de baptistenpastor ontmoet, hij had de doop met de Heilige Geest ontvangen maar wilde dat niemand laten weten. Hij hield het verborgen. En op een dag vroeg iemand op de zondagsschool hem: ‘spreek jij in tongen?’ En hij zei: ‘Ja’, en toen brak er een gevecht los. Ze hebben zelfs mensen naar het ziekenhuis moeten vervoeren omdat deze pastor toegaf dat hij in tongen sprak. Het heeft zelfs de nationale kranten gehaald. Maar uiteindelijk op Paaszondag ochtend moesten de sheriff en zijn assistenten op wacht staan elke 10 meter rond het kerkgebouw. Gewapend met geweren omdat er doodsbedreigingen waren. Er waren huizen in brand gestoken, auto’s in brand gestoken. En ze hadden gedreigd hem op Paasochtend te vermoorden. Het was dus echt een vreselijke toestand. En de pastor zei: ‘Dit is het allemaal gewoon niet waard. Ik vertrek.’ En er gingen 300 mensen met hem mee. En de rest bleef in die kerk. Hij nodigde mij dus uit om te spreken voor de 300 mensen uit de kerk. Maar een heleboel daarvan waren het niet met hem eens, ze hadden alleen maar met hem te doen vanwege de manier waarop hij door anderen behandeld was. En de helft van die 300 had dus helemaal niet de doop met de Heilige Geest en stonden daar ook niet achter. 

Hij sloot dus compromissen. Hij liet ze gewoon hun oude hymnen en liedjes zingen en gebruikte veel van de oude vormen, en probeerde tegelijkertijd charismatisch te zijn. Hij had mij dus uitgenodigd en wilde echt charismatisch zijn en hij zei tegen zijn zangleider: ‘Je kunt vandaag geen zangleider zijn, ik doe het vandaag zelf.’ Hij stond dus voor en leidde de liedjes op de manier zoals wij zingen. En nét ná die liedjes stond er iemand op en zei: ‘Je had Jesse de zang moeten laten leiden in plaats van deze kinderliedjes te zingen.’ En toen stond er weer iemand anders op: ‘Nee!’ En er ontstond weer een vechtpartij die avond en de kerk scheurde nog een keer in tweeën. De helft ervan vertrok en de pastor lag op zijn knieën en zei: ‘Alstublieft, ga niet weg, ik smeek het jullie’ En ik zat op de eerste rij dit allemaal aan te kijken. En deze man zat op zijn knieën, de halve kerk was vertrokken. En hij kwam naar me toe en zij: ‘Het spijt me, zo kun je niet spreken.’ Ik zei: ‘Wat bedoel je? Je hebt me uitgenodigd om te preken. Dus ik ga preken over ruzie en verdeeldheid.’ Ik stond dus op en sprak over ruzie en verdeeldheid en zei: ‘Dit is dus overduidelijk allemaal. Ik ga jullie uitleggen hoe je ruzie kunt overwinnen.’ 

En nadat de dienst voorbij was zei ik: ‘Als er hier iemand is die ontmoedigd is en depressief, ik wil voor je bidden.’ En ik herinner me deze dikke dame. Ze woog zeker 75 kg te veel. Ze kwam naar voren en huilde. Haar vriendin was net weggegaan en het was en trieste situatie. En dus bad ik voor haar. En je moet er aan denken dat dit nog steeds een baptistenkerk was. En ik bad voor deze dame. En ik bad al deze Schriftgedeelten: Galaten 5:22, de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede. God zegt dat jij vreugde binnen in je hebt. En ik bad zo goed als ik kon. En toen ik klaar was zei ik: ‘Jij hebt vreugde!’ En zij zei: ‘Ja, door geloof heb ik vreugde’ en ze stond nog steeds te huilen. En ik wist dat ze meer ongeloof had dan ze vreugde had. In ieder geval, zo had ik het gebed voor haar afgesloten, en ik greep deze vrouw bij de hand en we gingen rennen en huppelen door de gangpaden, helemaal tot achter in de kerk. 

In feite ging ík rennen en huppelen en sleepte ik deze dame achter me aan. En toen we achter in de kerk aankwamen zei ik: ‘Kijk ik heb gebeden dat je vreugde en vrede hebt, en ik geloof dat je het hebt en ga er ook naar handelen. En je gaat dit blijven doen totdat jíj gelooft dat je vreugde en vrede hebt. En we draaiden om en ik sprong en huppelde helemaal terug naar voren. En toen we daar voren waren begon ik weer opnieuw. En deze dame begon te beseffen dat ze er niet onderuit kwam totdat ze begon te hándelen alsof ze vreugde had. Dus zij begon ook te proberen te huppelen. En ze was echt dik. En het was echt ongelooflijk grappig. Het was zó grappig om haar te zien. En in ieder geval werd ze behoorlijk in verlegenheid gebracht en uiteindelijk begon ze te lachen. En deze dame viel op de grond. Het is 25 jaar geleden. Zij viel op de grond en lachte zó hard dat ze haar de kerk uit hebben moeten slepen. En mensen werden blij en begonnen te lachen. En er begonnen allerlei dingen te gebeuren. En dat was nog eens wat anders. En de meeste mensen denken nu: ‘Man, toen jij dat deed, raakte God die vrouw aan met vreugde.’ Nee, dat is helemaal niet gebeurd. De waarheid is, dat je áltijd liefde, vreugde vrede binnen in je hebt. Maar het denken van deze vrouw was die avond geconcentreerd op de problemen. En wat ik deed was mechanisch, fysiek haar aandacht weghalen van de problemen, richten op de Heer en geloven en verwachten dat wat er al was eruit zou komen. 

De waarheid is, dat je áltijd liefde hebt. Gods overweldigende liefde, Gods soort liefde is 100% van de tijd volledig in jou aanwezig. Als je het voelt betekent dit dat je gewoon goed afgestemd bent. Als je het niet voelt is het er nog steeds, maar jij voelt het niet omdat je niet goed afgestemd bent. Het is net als een radiostation. Dat zendt voortdurend uit. Soms ben je er op afgestemd en staat je radio aan, soms niet. Maar Gods liefde is áltijd voor en in jou aanwezig. De liefde van God, de vreugde van God is altijd aanwezig. Degenen onder jullie die denken: ‘Oh ik wilde maar dat ik vreugde had.’ Je hébt vreugde. Jouw geest staat op en neer te springen en doet de flikflak. Jouw geest staat zich te verheugen over wat ik zeg, omdat het weet dat het de waarheid is. Maar de meesten van ons zijn niet afgestemd op onze geestelijke mens. Wij zijn niet afgestemd op wat geestelijk waar is, maar je zit maar in het vlees te wachten tot er iets op je valt. Maar de waarheid is, dat het reeds binnenin je aanwezig is. Het is gewoon een kwestie van het vrijzetten. 

Ik heb mijzelf heel vaak gewoon moeten vertellen: ‘Ik heb liefde, vreugde, vrede, omdat ik weet dat het Woord het zegt. Ik voel het niet, ik wil het niet eens voelen.’ Soms heb je van die momenten dat je denkt dat je beter de handdoek in de ring kunt gooien. Dat het gemakkelijker en beter is om te gaan klagen en jammeren en alles eruit te gooien. Er zijn momenten dat je denkt, ik ben moe en ik ben het zat om te proberen God te geloven. Maar je geeft niet toe. Ik heb vroeger moeten gaan staan en verklaren dat ik het geloof en ging God prijzen door geloof. Ik heb mijn handen opgeheven terwijl ik er niets voor voelde. Het voelde heel huichelachtig. Tótdat je gaat beseffen dat er een nieuwe jij is. En de geestelijke ik is de ware ik. Je voelt je alsof je een huichelaar bent. Je zegt: ‘God houdt van me’, terwijl je in je vlees voelt: ‘dat is niet waar, ik voel helemaal niet dat God van me houdt.’ Maar de waarheid is, dat je pas echt een huichelaar bent als je op je gevoelens afgaat in plaats van op wat Gods Woord zegt. 

Als Gods Woord zegt dat Hij zoveel van je houdt dat Hij zijn eigen Zoon voor jou heeft overgegeven toen je nog een zondaar was, hoeveel te meer zal Hij nu niet van je houden en je vrijelijk met Hem álles geven? Dát is de waarheid. Wat jij voelt is onwaar. Je bent een huichelaar als jij jouw gevoelens over je laat heersen. Als jij zegt: ‘Ik heb gebeden om redding, behoud, maar ik vóel niets’, dan ben je een huichelaar. Je zegt dat je de Bijbel gelooft en de Bijbel zegt dat wie ook maar de naam van de Heer aanroept zal behouden worden. Dus wat is nu de waarheid, wat jij voelt of wat Gods Woord zegt? Nou, wat Gods Woord zegt is de waarheid, dus je gelooft alleen, en door geloof zeg je: ‘Vader, dank U wel dat ik gered ben.’ ‘Dank U dat ik gezegend ben, dank U dat U van mij houdt.’ En je begint hem te loven en te prijzen totdat je hersens ermee stoppen te proberen dit uit te pluizen en te analyseren en dan kom je uiteindelijk zover dat je het gaat geloven en dán gaan alle voordelen, de liefde, de vreugde en de vrede gewoon door je heen stromen. En dan komen al die bijverschijnselen. 

Ik kan je garanderen dat als die dingen komen, je allang in geloof bent en gelóóf is nu je zekerheid. Geloof is nu hetgeen jou zegent en gevoelens, emoties zijn het bijverschijnsel, toevallige verschijnselen. Weet je, ik heb geweldige emoties, ik ervaar goede gevoelens. Maar ik let er niet echt op. Ze zijn helemaal niet belangrijk. Als ik me goed voel, dan geniet ik ervan. Als ik me slecht voel, ben ik nog steeds gezegend. Het is nu zeker, ik weet niet hoelang, wel 26 jaar geleden dat ik een slechte dag heb gehad. Ik raak gewoon niet gedeprimeerd. Sommigen zeggen: ‘maar dat kun je helemaal niet zelf kiezen of bepalen.’ Jazeker, dat kun je wel. Ik krijg echt heel veel mogelijkheden en aanleidingen om gedeprimeerd te raken. Terwijl ik hier ben zijn er alweer dingen gebeurd. Ik heb 3 tot 4 telefoontjes gehad vanuit Schotland. Er zijn gewoon ernstige dingen gebeurd, maar weet je, ik ben gezegend! Gewoon omdat ik kíes om gezegend te zijn. Er zijn dingen aan de hand in mijn leven, maar ik ben gezégend. Ik kíes ervoor om gezegend te zijn. Ik héb gewoon geen slechte dagen omdat het mijn keuze is. 

Dat is ook jóuw keuze. De Heer zei in Deuteronomium 30:19 19 Ik neem heden de hemel en de aarde tegen u tot getuigen; het leven en de dood stel ik u voor, de zegen en de vloek; kies dan het leven, opdat gij leeft, gij en uw nageslacht
Hij zegt: Kies A of B en dan zegt Hij tussen haakjes, A is het goede antwoord! Hier hoef je geen seconde over na te denken. God zegt kies leven of kies dood en dan zegt Hij: ‘Leven is het goede antwoord’. Kies leven! Hij heeft jóu de keuze gegeven. De duivel kan jou helemaal niet depressief maken. De duivel heeft nog nooit iemand depressief kunnen maken. De duivel verzoekt jou met deprimerende dingen. Maar het is jóuw keuze of je daaraan gaat denken of dat je het Woord van God binnengaat en bedenkt hóeveel God van je houdt. Het enige dat de duivel kan doen is een verzoeking op jouw pad brengen. Het enige dat de duivel kan doen is jou in verleiding brengen, maar het hangt van jóu af, of je in het aas hapt. Jíj bent degene die moet toehappen. Het is jóuw keuze. Als je depressief bent, is het jóuw keuze om depressief te zijn. 

Als jij verslagen of ontmoedigd bent heb jíj gekozen om verslagen of ontmoedigd te zijn. Natuurlijk ben je niet gaan zitten nadenken en hebt gezegd: ‘Ik kies om verlagen te zijn’ Je koos gewoon om verslagenheid toe te laten. Je koos ervoor om te gaan denken aan de dingen die verslagenheid binnen brengen, in plaats van aan Gods Woord te gaan denken. Als het enige waar jij aan denkt Gods Woord is, dan is het enige dat je zult hebben leven en vrede. Romeinen 8:6. Het komt heel nauw, maar het is helemaal juist. Het is heel eenvoudig. Zó eenvoudig is het nu. Broeders en zusters, je moet gewoon weten: ‘God hóudt van je!’ Niets kan jou scheiden van de liefde van God. Het enige dat nóóit verandert of wijzigt is God. Het is nooit God die anders is, Hij is en blijft dezelfde, gisteren, heden en tot in eeuwigheid. Hij zal je nóóit verlaten of begeven het is jóuw waarneming die verandert. En als jouw waarneming verandert dan veranderen ook je emoties. Maar dat zou voor jou alleen maar een signaal moeten zijn, een waarschuwing: ‘Hé, je hebt je denken niet op God gericht gehouden, want ik geniet niet de aanwezigheid van de Heer, ik heb niet de vrede die ik zou moeten hebben’ 

En wat verandert er dus? Denk nooit dat God niet meer van je houdt of dat God niet meer in jouw leven wil werken, dat God je verlaten heeft? Ga in plaats daarvan terug naar het Woord van God. Ik moet mijn denken vernieuwen dus ik ga terug naar het Woord van God. Ga dat weer overdenken en zo keer je weer terug naar alle vreugde en vrede en liefde die al binnen in je is, en weer kan gaan stromen. Ik wil je vertellen dat de dingen die ik vanavond met je heb gedeeld, mij 20 à 26 jaar gekost hebben om daar achter te komen. En ik weet dat sommigen van jullie het wel gehoord hebben, maar het niet gepakt hebben. Totdat je je denken verder gaat vernieuwen. Dit zal onmiddellijk op de proef worden gesteld als je hier weggaat. Het zal misschien tot het moeilijkste behoren dat je ooit gedaan hebt, hier weglopen en daar in blijven, maar het is wel heel eenvóudig. God heeft je niet verlaten en niet begeven. God is getrouw. Man, dat zegent mij. Dat heeft mij meer gediend dan dat ik je ooit maar kan uitleggen. Ik wéét het. 

Er zijn speciale momenten dat je echt de aanwezigheid van God zo duidelijk voelt en ervaart dat het overweldigend is. Dat ontken ik niet. En sommigen zien misschien het verband niet hier, maar ik vergelijk het graag met een huwelijksrelatie. Toen Jamie en ik net waren getrouwd hebben we echt gekke dingen gedaan. Ik zat haar door het huis achterna en we speelden met elkaar en deden stomme dingen. We bekeken elkaar in een lepel, ons spiegelbeeld, en zo. Dat soort dingen konden we uren mee bezig zijn. Gewoon pret maken. Dat was speciaal, dat was leuk en opwindend. Daar is niets verkeerds aan. Maar na 23 jaar huwelijk besteden we geen uren meer aan het elkaar bekijken in het spiegelbeeld van een lepel. Sommigen denken dan: ‘Oh, je bent de liefde kwijtgeraakt, de vonk is uit jullie huwelijk verdwenen.’ Maar dat is helemaal niet zo. Ik hou vandaag nog meer van Jamie dan ooit tevoren. Maar het is een ander soort liefde. Het is een meer volwassen soort liefde en we doen nog steeds wel eens iets geks. Maar ik bedoel, vroeger was dat het énige dat we deden. Nú is dat de uitzondering. 

In het huwelijk heb je die intieme momenten. Je hebt de fysieke relatie. Dat zijn opwindende momenten en dat is geweldig, maar je kunt er geen huwelijk op baseren. Daarom kunnen mensen wiens relatie op lust is gebaseerd gewoon niet getrouwd blijven. Ik kan je garanderen, als de basis voor huwelijk seks zou zijn, zouden mensen getrouwd blijven, want dat doen ze wel. Er komt echter meer bij kijken. De grote meerderheid van de relatie bestaat gewoon uit bij elkaar zijn. Eén van de redenen dat ik wist dat Jamie het meisje was waarmee ik zou trouwen, was dat zij het eerste meisje was waarmee ik uitging dat ik niet hoefde te blijven amuseren. Ik hoefde niet mijn moeders auto te lenen om haar mee uit te nemen. Ze vond mijn oude barrel prima. Ik hoefde haar niet te vermaken. Wij konden uren bij elkaar zitten zonder iets te zeggen en hadden een geweldige tijd met elkaar en genoten van elkaars aanwezigheid. Zij aanvaarde mij gewoon zoals ik was en ik haar. Weet je dat het gewoon bovennatuurlijk was, hoe God ons bij elkaar heeft gebracht. 

Maar de grote meerderheid van relatie is niet opwindend, dynamisch. Je bent niet de hele tijd in zinsverrukking. Ik ben ooit in Colorado Springs met een zwangerschapscentrum begonnen en daar hebben we enkele goede dingen mee gedaan. En ik was een van de sprekers op een van de conferenties die ze daar hielden. Daar was ook een psychiater die sprak over tienerzwangerschappen en dat soort dingen. En zij vertelde enkele dingen die echt interessant waren. Zij gaf al die wetenschappelijke feiten en verklaringen. Maar in principe zei ze dat één van de redenen dat huwelijken uit elkaar vallen is, omdat er verschillende niveaus van relatie zijn. Een relatie zou moeten beginnen met jongens en meisjes die gewoon in elkaars aanwezigheid zijn. Waar je het gewoon spannend vindt een meisje of een jongen te ontmoeten. En dan kom je op het punt waar je alleen maar elkaars hand vasthoudt en zo. Dat is dan opwindend en je maakt contact op dat gebied. En dan komt het niveau waarop je leert met elkaar te praten en uit te wisselen. En vervolgens ga je afspraakjes maken. En al die verschillende niveaus zijn er, waarbij de fysieke relatie de verstgaande vorm van intimiteit is. Maar dat is het laatste en uiterste niveau. En zij vertelde dat onze kinderen tegenwoordig ál die niveaus overslaan en rechtstreeks tot seksueel contact overgaan en daarom kun je van daaruit het niet terugbouwen. Zoals je ook niet kunt beginnen met joggen en daarna leren kruipen en al die andere dingen. En als je eenmaal begint alles over te slaan is de enige manier waarop ze met iemand van het andere geslacht relatie kunnen leggen op het seksuele niveau. En je kunt gewoon geen relatie in stand houden die daar op gebaseerd is. Het zijn juist al die andere dingen. De seks gaat gewoon een klein onderdeeltje uitmaken van je relatie. 

En hier zijn vergelijkingen met de Heer. Er zijn geweldige tijden. Ik kan de hele avond al mijn tijd besteden aan vertellen over geweldige tijden en ervaringen met de Heer. Ik heb echt geweldige tijden met de Heer gehad. Maar weet je, het zijn er niet echt heel veel. Het gebeurt gewoon niet iedere dag. Als God je vandaag jouw wens en verlangen zou geven en je hebt een geweldige ervaring met de Heer, dat de liefde van God je zo overweldigd dat als je ‘s morgens opstaat je het bijna niet verdraagt. Weet je wat het met je zou doen? Je zou er verslaafd aan raken. Je moet altijd maar méér hebben. De volgende dag moet God met iets beters op de proppen komen want anders raak je teleurgesteld. Je gaat dan denken: ‘God, waarom voel ik vandaag niet méér van U dan gisteren, houdt U niet meer zoveel van me?’ Dat is verkeerd, want als jij het gebied van geloof verlaat omdat je overtuiging van wat de waarheid is gebaseerd is op wat je voelt, maak je God tot een circusdier dat iedere keer door een hoger hoepeltje moet springen om nog indruk op jou te maken. Het moet je een steeds grotere dosis kippenvel geven. Het is dan net als een drugsverslaving. Dezelfde ‘high’ kan je niet meer bevredigen, dus nu heb je een intensere ‘high’ nodig, enzovoorts, enzovoorts. 

Dat is de reden waarom God je zelfs zegent met geen enkel gevoel of emotie, omdat je er niet mee om kunt gaan. Het wordt dan een vervanging voor het kleine beetje geloof dat je hebt. Een van de meest geweldige Schriftgedeelten waardoor God tot me sprak, staat in Handelingen 9 waar Hij sprak tot Ananias. En de Heer zei: ‘Ananias’ en hij zei:’Zie, hier ben ik’. Misschien maakt dat op jou geen indruk, maar dát Schriftgedeelte heeft maandenlang aan mijn hart geklopt. De Heer sprak tot mij: ‘Hoe vaak heb Ik geprobeerd met jou te spreken en jij was er gewoon niet.’ Ananias was aanwezig en er is geen andere bewijs in de Schrift dat God ooit tot hem had gesproken. Misschien had hij nog nooit van zijn leven iets wonderbaarlijks meegemaakt. Misschien wel, maar de Schrift spreekt er niet over. Hij zat misschien al vijf jaar lang gewoon te zitten en de Heer te aanbidden en opeens spreekt God tot hem. Óf met een hoorbare stem of door een gave van de Geest, maar hij gaat en speelt een geweldige rol in de bekering van de apostel Paulus. En misschien is dat de énige keer dat hij iets dramatisch meemaakte. 

De meesten van ons willen elke dag wel iets dramatisch meemaken. En als dat niet gebeurt, zeggen we: ‘God wat is er mis, houdt U niet meer van me?’ Het is gewoon genade als God je géén ervaringen geeft, omdat het je zou ruïneren. Het zou je verwoesten. Dat is waar! Broeders en zusters, we zouden werkelijk níets moeten verheffen boven wat Gods Woord zegt. Wij zouden voor geen goud het Woord van God moeten willen ruilen, de waarheid voor alleen maar een gevoel, een emotie, een bevlieging. 

Ik probeer deze dingen in liefde te zeggen, ik wil er helemaal niemand persoonlijk mee bekritiseren of aanklagen. Het is een aanklacht tegen onze maatschappij, onze generatie die één van de meest onvolwassen generaties is die ooit op de aarde hebben rondgelopen. Die zich alleen maar goed willen vóelen, constant en altijd. Alleen mensen die leven in super- voorspoedigheid hebben de luxe zich bezig te houden met goed. Ik heb heel wat van de wereld afgereisd en de meeste mensen hebben die luxe niet. Zij moeten dag en nacht werken en worstelen om de eindjes aan elkaar te knopen. En zij hebben gewoon de luxe niet om zich druk te maken om hun gevoelens. Ze proberen hun kinderen eten te geven en gewoon te overleven. 

Het is een verveelde, verwende, verpeste generatie die voortdurend en altijd maar iets wil vóelen. Je moet eens volwassen worden. Haal je duim uit je mond en gooi je dekentje weg. Begin te geloven wat Gods Woord zegt. En als je je niet goed of prettig voelt, verander dan gewoon je gevoelens door te denken aan het Woord van God.